• in , ,

    Italiaanse kookboekengeschiedenis in Nederland

    kookboekengeschiedenis in nederland

    Korte tijd terug werd de Pomo d’Oro uitgereikt. De prijs voor het beste Nederlandse kookboek voor de Italiaanse keuken van de afgelopen 10 jaar. Vele boeken die op de site zijn besproken deden mee. Het boek van Sarena Solari, Onno Kleyn, Janny van der Heijden, Frans & Karin van Munster, Marlies de Waal, Antoinette Coops en dat van Miki Duerinck en Kirstin Leybaert. Allemaal boeken die het afgelopen decennium zijn uitgebracht. Laten we daarom even stilstaan de geschiedenis van de Italiaanse keuken in Nederland.

    Deze Italianen lukte het niet

    Een aantal Italianen lukte het niet om door te dringen in de Nederlandse keuken.

    Zo was Bartolomeo Scappi was een kardinaal die in de 16e eeuw kookte voor collega-kardinalen. Zijn boek is een aantal jaren geleden vertaald in het Nederlands. Een zeer bijzonder verhaal over corpulente kardinalen die aan eindeloze buffetten zaten met de meest vreemdsoortige gerechten. Bereid zonder vriezer of keukenmachines.

    Artusi dan. Hij is de schrijver van dé Italiaanse historische kookbijbel. Zijn boek is ook in het Nederlands verschenen, nog niet zo lang geleden. In 2013 werd het uitgegeven bij uitgeverij Novecento. Zijn boek De wetenschap in de keuken en de kunst om goed te eten werd voor het eerst uitgegeven in 1891.

    De twee bovenstaande boeken zijn van Italiaanse kookboekenschrijvers en dateren van lang geleden. Pas sinds kort is er aandacht voor de geschiedenis van de échte Italiaanse keuken in Nederland. Scappi en Artusi hebben daarmee tot nu toe slechts een handvol Nederlanders weten te raken.

    Wanneer kwam dan de Italiaanse keuken dan eigenlijk naar Nederland?

    De Italiaanse keuken in oma’s tijd: jaren 50

    Ik kan koken - Geïllustreerd handboek voor allen, die willen leren koken en de eisen van een goede keukeninrichting willen leren kennenVan mijn oma (geboortejaar 1925) kreeg ik het kookboek dat van haar moeder was geweest. Het is uitgegeven in 1952. Het heet Ik kan koken – Geïllustreerd handboek voor allen, die willen leren koken en de eisen van een goede keukeninrichting willen leren kennen.

    Het is geschreven door P.J. Sarels van Rijn. Directrice van de gemeentelijke industrie- en huishoudschool in Vlissingen. In die tijd was het enige Italiaanse gerecht in Nederland macaroni.

    In het boek vinden we dan ook bijvoorbeeld het recept voor macaronicroquetten, macaronipap en zoete macaronischotel. Het basismateriaal is flauwe, doorgekookte macaroni.

    Italiaans eten volgens mijn moeder: jaren 80

    Toen ik jong was, lagen er nog geen courgettes en aubergines in de keuken. Kookboeken waren er nog niet zo veel als nu. Het waren vooral uitgaves van damesbladen als de Margriet en de Libelle die door veel thuismoeders toen werden gelezen.

    De culinaire redactrices van toen zijn niet veel in Italië geweest. Ik houd me aanbevolen voor een leuk Italiaans recept uit de Margriet van die tijd!

    In mijn herinnering is ook in die jaren maar één soort pasta: doorgekookte macaroni met groenten en gehakt in tomatensaus.

    Poco a poco

    Gelukkig werden tiramisù en mozzarella snel bekend in de jaren 90, zoals ook Italiaans ijs. Ook werden in deze tijd nieuwe Italiaanse groenten op de Nederlandse markt gebracht. In 2001 vertrok ik naar Italië. Ik leerde er al dente koken en goede tomatensaus te maken.

    En daarmee komen we in de tijd (vanaf 2003) waarin kookboeken werden gepubliceerd die mee mochten doen aan de verkiezing van de Pomo d’Oro. Aan de wedstrijd deden ook kookboeken mee die nog niet door ons zijn besproken.

    Cucina Maria: een van de eerste moderne Italiaanse kookboeken

    Zoals het boek Cucina Maria van Maria Coumans, dat al populair was vóór de grote golf van de recentelijk gepubliceerde kookboeken. Dit boek verdient nog wat aandacht! Want Coumans was een pionier op haar gebied.

    2007: Cucina Maria

    Maria woonde al lange tijd in Italië en gaf in 2007 in eigen beheer haar eerste Italiaanse kookboek uit (inmiddels is er ook een deel 2). Toen ik begon met lesgeven in 2008, was dit het beste Italiaanse kookboek op de Nederlandse markt! In dit kookboek staan 20 menu’s, die heel praktisch zijn georganiseerd.

    Maria weet: gezellig eten met vrienden of familie, daar houdt iedereen van. Maar veel mensen zien op tegen het gedoe. Het vele werk of uren in de keuken. In de samenstelling van de menu’s maakt ze vier gangen en houdt ze ook rekening met wat vooraf gemaakt kan worden en wat als de gasten er al zijn.

    Er is een mooi evenwicht tussen kook- en bakgerechten. Dus daar hoef je zelf niet over na te denken. Dat er bijvoorbeeld maar één ding tegelijkertijd in de oven kan. De gerechten zijn heel toegankelijk en Maria maakt ook gebruik van Boursin-pakjes, mayonaise, tabletten kippenbouillon, kant-en-klare pesto en mortadella die heel terecht Italiaanse boterhamworst wordt genoemd.

    De gerechten zijn lekker en toegankelijk. Ook voor bescheiden half-ervaren koks zoals ikzelf. Het boek kreeg de derde prijs bij de Pomo d’Oro. Nog altijd een persoonlijke aanrader, die je blind kunt kopen.

    Koop bij bol.com

    Winnaar van de Pomo d'Oro: Tutto risotto
    Vakjury-winnaar van de Pomo d’Oro: Tutto risotto van Florine Boucher

    Prijswinnaars Pomo d’Oro

    Welke Italiaanse kookboeken vielen uiteindelijk dab in de prijzen? De prijzen voor de beste Italiaanse kookboeken van de afgelopen 10 jaar zijn uiteindelijk gewonnen door Antoinette Coops (all-round), Florine Boucher met haar Tutto risotto (vakjury) en Miki Duerinck en Kirstin Leybaert (publieksprijs).

    Ik ben benieuwd wat er over 20 jaar voor Italiaanse kookboeken op de Nederlandse markt zullen zijn!

  • in

    Italië in september

    Festival van de geverfde muren in Dozza

    In Italië is de maand september nog onderdeel van het toeristenseizoen. In de populairdere gebieden, zoals rond het Gardameer en in Toscane is het meestal nog hoogseizoen, met navenante tarieven.

    In september zijn de meeste Italianen wel weer aan het werk en de scholen beginnen ook weer. Het gewone dagelijkse leven is deze maand dus weer begonnen. Daarom kun je verwachten dat het woon-werkverkeer in en om steden weer op het gebruikelijke niveau zit.

    Maar in september zit je ook nog met één been in de vakantieperiode en kun je genieten van foodfestivals, optredens en muziek door het hele schiereiland. In dit artikel halen we een aantal interessante tips voor september in Italië voor je aan.

    Weer in september

    Het weer in september is door de bank genomen iets koeler dan in juli en augustus, maar nog steeds warm en aangenaam. Ook in september kan het overdag te heet zijn om activiteiten te ontplooien. Het is in Italië in deze maand meestal echt nog zomer.

    De maand september is vaak een droge maand, waardoor je een flinke kans hebt op goed weer. De accommodaties aan de kust zijn al wat rustiger doordat de meeste toeristen (en de Italianen zelf) inmiddels huiswaarts zijn gekeerd.

    Max. temperatuur in Italië in september (bron: cinqueterre.eu.com)
    Min. temperatuur in Italië in september (bron: cinqueterre.eu.com)

    Noord-Italië

    Het weer in Noord-Italië is vanzelfsprekend het koelst in september. Je ziet in het noorden vaak een flinke neergang in temperatuur, maar vrijwel altijd blijft het, in ieder geval rondom Milaan, zo tussen de 12 (minimum) en de 24 graden Celsius (maximum) gemiddeld.

    Uiteraard kan er in het noorden weleens een drupje regen vallen, maar meestal heeft dat niet veel gevolgen voor de temperatuur. Ook is de regen meestal weer gauw voorbij.

    Midden-Italië

    In Midden-Italië, inclusief Toscane, Umbrië en Rome, gaan de temperaturen in september slechts een klein beetje naar beneden ten opzichte van de vaak bloedhete augustusmaand. Gemiddeld kun je rekenen op waarden tussen de 17 en de 26 graden Celsius.

    Ook in het midden van Italië kan er weleens en buitje vallen in deze maand, meestal zonder grote gevolgen.

    Zuid-Italië

    In het zuiden van Italië, zoals de stad Napels of het hippe Apulië of het altijd interessante Sicilië zijn de temperaturen het hoogst. In september blijft het hier meestal droog en warm. Je kunt rekenen op gemiddelden tussen de 22 en de 27 graden Celsius. Uitschieters naar boven zijn echter goed mogelijk.

    Waarheen in september

    Waar ga je in september in Italië naartoe? Eigenlijk heb je dat voor het kiezen. Voor Italianen begint het gewone leven weer in september, na een lange zomer(vakantie).

    De meeste plekken zijn rustiger qua toeristen en het is dus meer genieten. Aan het strand en in de kuststreken is het lekker warm, maar zonder de drukkende hitte van augustus.

    Hou je meer van kunst en geschiedenis? Dan is september misschien wel de beste maand om naar Italië te gaan. De grote kunstschatten van Pompeï, Florence, Venetië of Rome laten zich beter bewonderen als het iets koeler is dan in de ondraaglijke zomerhitte.

    Venetië in september
    Venetië in september (foto: Pexels)

    Feesten en festivals in september

    De grote massa aan zomerfestivals en -feesten is dan misschien voorbij in september, er is altijd wel iets leuks te doen op de bestemming van jouw keuze. Hier zijn een aantal activiteiten die plaatsvinden in september:

    De Palio van San Rocco

    Deze vindt plaats in Figline Valdarno in Toscane tijdens de eerste week van september. Het schijnt dat dit een van de eerste palio’s in de regio is geweest. Rondom de paardenraces zijn er vijf dagen van feestgedruis.

    Tocatì

    In Venetië kun je genieten van een internationaal straatspelenfestival. Geniet van al die spellen die je zo leuk vond om in je jeugd op straat te spelen.

    Ferrara Balloons Festival

    Het belangrijkste en grootste festival rondom heteluchtballonnen in Italië.

    Expo del Chianti Classico

    Muziek, wijnproeverijen, lekker eten. De belangrijkste ingrediënten voor een Italiaans festival zijn aanwezig op het Expo del Chianti Classico in Greve.

    MITO Music Festival

    In Milaan en Turijn geniet je in september van muziek, de hele maand lang. Een geweldige mogelijkheid om deze mooie steden te ontdekken, terwijl je ook met muziek van allerlei genres kennismaakt.

    Regata Storica di Venezia

    Een fantastische historische regatta met races in allerlei categorieën, in en om Venetië. Je kans om het meeste uit je trip naar Venetië te halen.

    The Venice Glass Week

    Een ander festival in Venetië staat compleet in het teken van glas. Het gaat dan vooral om het ambachtelijk gemaakte Murano-glas. Van 9 tot en met 16 september kun je kijken naar en meedoen aan workshops glasblazen, sportieve activiteiten, cocktails drinken aan de een glazen bar, je laten rondleiden en nog veel meer.

    Macchina di Santa Rosa

    Dit is een processie rond de patroonheilige van Viterbo, Sint Rosa. Een verlichte toren van wel 30 meter hoog met daarop het standbeeld van St. Rosa wordt rondgedragen door mensen in oude kostuums. Prachtig om mee te maken.

    San Vito

    De eerste dagen van de maand is het feest van San Vito in Palermo, op Sicilië. Er worden scènes uit het leven van San Vito nagespeeld en er is een grote optocht.

    Rievocazione Storica

    Tijdens dit festival in Cordovado wordt een trouwerij uit 1571 nagespeeld. Ook hier kun je genieten van een grote optocht, verschillende toernooien en boogschietwedstrijden waaraan veel locals deelnemen.

    Festa della Madonna degli Ammalati

    In Misterbianco op Sicilië is op de tweede zondag van de maand het ‘feest van de madonna van de zieken’. Tijdens het festival wordt het mirakel gevierd waarbij de kerk gespaard bleef na een uitbarsting van de Etna in 1669. De feestelijkheden gaan voor 5 dagen op rij door.

    Festa della Rificolona

    Het Festa della Rificolona in Florence is het feest van de lampionnen. Op 6 en 7 september elk jaar zijn er veel activiteiten in de stad. Ook hier een processie die wordt geleid door de kardinaal van Florence. Ook in sommige andere delen van Toscane wordt het feest gevierd.

    Madonna van de Zee

    Het feest van de madonna van de zee wordt gevierd in Patti op Sicilië, in het tweede weekend van de maand. Een gouden beeld van de madonna wordt naar zee gedragen in een rijk gedecoreerde processie. Bij zee aangekomen wordt de madonna in een boot gezet voor het vervolg van de processie over het water. Natuurlijk gaat ook dit feest gecombineerd met veel eten en wijn, muziek en dans.

    Notte Bianca

    De Notte Biance of de Witte Nacht is een feest in de hoofdstad Rome. Elk jaar in het tweede weekend van september is het zo ver: alle pleinen in de stad worden omgetoverd tot plekken waar de muziek en het vermaak tot in de kleine uurtjes doorgaat. Ook theaters, musea en winkels zijn geopend, de hele nacht lang. In Rome kun je tegen een gereduceerd tarief gebruikmaken van de bus en de metro.

    San Gennaro

    Sint Januarius is de patroonheilige van Napels. De viering van San Gennaro vindt op de 19de van september plaats. Het draait allemaal om het al dan niet stollen van zijn bloed. Dit is een van de belangrijkste religieuze festivals in Italië. Maar ook tijdens dit festival komt ook de inwendige mens uitgebreid aan zijn trekken.

    Festival del Muro Dipinto

    Tijdens het festival van de geverfde muren in Dozza komen kunstenaars van over de hele wereld naar dit middeleeuwse stadje in de buurt van Bologna om muren van gebouwen te schilderen.

    San Cipriano en San Cornelio

    Op Sardinië kun je in september een 8-daags feest rond de patroonheiligen meemaken. Middeleeuwse kostuums, traditionele dans en muziek en natuurlijk ook eten en wijn maken er deel van uit.

    Italië in september: een aanrader

    Je ziet het zelf: in september is er bijzonder veel te doen in Italië. En dan was dit nog maar een kleine selectie van alle feesten en activiteiten die je overal in Italië kunt vinden.

    Wat zijn jouw ervaringen met Italië in september? Heb je nog leuke tips? Schrijf die dan hieronder op, zodat ook anderen ervan kunnen genieten.

    Veel plezier in Italië deze nazomer! En kun je pas in oktober naar Italië? Geen punt, ook dan is Italië mooi!

    Bron: lifeintaly.com

  • in

    Column: terug in Provesano

    Op de terugweg van de zomervakantie in de Alpen kwamen mijn vrouw en ik langs Provesano di San Giorgio della Richinvelda. Een bloemrijke naam voor een saai buurtschap van amper 400 inwoners op het platteland van Friuli. Toch heeft Provesano één keer alle Nederlandse media gehaald. Dat was in juli 2002, toen Pim Fortuyn hier werd begraven. Ik ben toen als verslaggever meer dan een week in Provesano geweest en kon het natuurlijk niet laten om er zestien jaar na dato nog eens een kijkje te nemen.

    Hilarische toestanden

    Daarbij kwamen al gauw de herinneringen op aan de soms trieste maar vaak hilarische toestanden die zich afspeelden aan de vooravond van de teraardebestelling. Zo gaf de opzichter van de gemeentelijke begraafplaats aanvankelijk de noodzakelijke vergunning niet af, omdat de tombe niet goed zou sluiten.

    Aan Italiaanse journalisten en belangstellenden moest elke keer weer worden uitgelegd dat in Nederland rechts en homo wél samen kunnen gaan.

    Volksartieste Vanessa wilde zingen tijdens de mis voor de vermoorde politicus, maar stuitte op een brute weigering van don Piergiorgio, de dorpspastoor. Bernard de Vries, oud-voorman van Provo in Amsterdam, terechtgekomen in Udine als eigenaar van een lampenzaak, kwam eer kwam betuigen aan Fortuyn als ‘nieuwe Provo’.

    Piazza Risorta is heel Provesano - een kerkje, de bar, een enkele winkel en rechts het huis van Fortuyn
    Piazza Risorta is heel Provesano – een kerkje, de bar, een enkele winkel en rechts het huis van Fortuyn (bron: Google Maps)

    Eddy de barman

    Een plaatselijke uitgever wilde een publicitair graantje meepikken door een congres te wijden aan de politicus Fortuyn en de regisseur Pasolini, die weinige kilometers verderop, in Casarsa, begraven ligt. Eddy, de uitbater van het café tegenover het huis van Fortuyn in Provesano, was enkele dagen de meest geïnterviewde barman van Italië en omstreken.

    Bar Da Eddy in het centrum van Provesano
    Bar da Eddy in het centrum van Provesano

    En aan Italiaanse journalisten en belangstellenden moest elke keer weer worden uitgelegd dat in Nederland rechts en homo wél samen kunnen gaan.

    Provesano en omgeving

    Tussen de bedrijven door was het wel de moeite waard om ook de nabije omgeving te verkennen. Zo kwamen we in het middeleeuwse stadje Spilimbergo, dat nog altijd het centrum is van de traditionele terrazzo- en mozaïeknijverheid, en waar we in de trattoria van Afro zwolgen in de Friulaanse specialiteiten.

    Pim Fortuyns tafel bij Bar da Eddy
    Pim Fortuyns tafel bij Bar da Eddy

    Natuurlijk ook in San Daniele, waar ze de heerlijke gelijknamige rauwe ham maken en dat op het eerste gezicht net zo veel prosciutterie telt als inwoners. In Maniago kijk je verder je ogen uit naar de producten van de ambachtelijke messenproductie. En dan heb je nog Rauscedo, een plaatsje van niks dat niettemin essentieel is voor de Italiaanse wijnbouw. Hier kweken ze de onderstammen van de wijnstokken uit het hele land vandaan.

    Eddy's weduwe Vilma schenkt tai
    Eddy’s weduwe Vilma schenkt tai

    Gesloten luiken

    Het dorpsplein van Provesano, Piazza Risorta, ligt er op de warme zondagmiddag zoals meestal slaperig bij. Op nummer 2 zijn de luiken van het huis van Fortuyn, Rocca Jacoba genoemd naar zijn moeder, gesloten. Het had ooit een museum moeten worden, maar dat is er nooit van gekomen.

    Gesloten luiken bij het voormalige huis van Fortuyn in Provesano
    Gesloten luiken bij het voormalige huis van Fortuyn in Provesano

    Ertegenover, in de bar van Eddy, die inmiddels is overleden, brengt zijn Braziliaanse weduwe Vilma me bij een glas tai, de locale witte wijn, graag op de hoogte van de jongste ontwikkelingen. Het pand is al lang eigendom van een Nederlandse bankier, die het als vakantiehuis gebruikt en af en toe langs komt, zegt ze.

    Rocca Jacoba, vernoemd naar de moeder van Pim Fortuyn
    Rocca Jacoba, vernoemd naar de moeder van Pim Fortuyn

    Maar er komen ook nog steeds Nederlanders om het huis te fotograferen, het tafeltje naast de ingang van het café te bekijken waar Fortuyn placht te lezen en te schrijven, en een bezoek te brengen aan zijn graf.

    Het graf van Fortuyn

    Dat laatste doen wij ook, en het is droevige ervaring. De in blinkend wit Carrara-marmer opgetrokken monumentale – de Italiaanse pers gebruikte indertijd het woord faraonico – tombe met het trotse familiewapen detoneert wel een beetje op deze provinciale dodenakker.

    En veel bezoek lijkt er niet meer langs te komen, veel minder althans dan in 2007 toen ik hier ook was en voor het graf nog bloemen, briefjes en andere aanhankelijkheidsbetuigingen te vinden waren.

    Nu liggen er wat uitgedroogde rozen, zonverkleurde plastic boeketten, een verregende foto en een gipsen madonnaatje
    Uitgedroogde rozen, zonverkleurde plastic boeketten, een verregende foto en een gipsen madonnaatje

    Nu liggen er wat uitgedroogde rozen, zonverkleurde plastic boeketten, een verregende foto en een gipsen madonnaatje. In het marmer gehouwen is de spreuk Loquendi Libertatem Custodiamus: laten we waken over de vrijheid van het woord.

    Loquendi Libertatem Custodiamus: laten we waken over de vrijheid van het woord
    Loquendi Libertatem Custodiamus: laten we waken over de vrijheid van het woord

    Dat zonder meer, maar het tafereel brengt ook een ander Latijns gezegde in gedachten: Sic transit gloria mundi.

    Provesano, het huis van Fortuyn en de begraafplaats op videobeelden:

    Wonen in Provesano?

    Mocht je nu enthousiast zijn geworden over Provesano en overwegen om er zelf een optrekje te kopen, dan hebben we nog een tip voor je. Op dit moment staat dit huis aan de Via Giuseppe Garibaldi nummer 1 voor een vraagprijs van € 225.000 te koop. Mét uitzicht op het centrale plein en het voormalige huis van Pim Fortuyn. Je kunt ook één appartement in het pand voor slechts € 79.000 aanschaffen.

    Te koop in Provesano: huis met 6 appartementen
    Uitzicht op Piazza Risorta met het huis van Fortuyn
  • in ,

    Italiaans kookboek: Toscane van Giancarlo en Katie Caldesi

    Het Toscaanse kookboek van Giancarlo en Katie Caldesie

    De afgelopen twee jaar zagen we verschillende lokale Italiaanse kookboeken verschijnen. Mangiamo van Antoinette Coops over de Veneto, Proef Puglia van Luca Lorusso en Vivienne Polak, Verrukkelijk Rome van Eleonora Galasso, Liguria van Marlies de Waal of De Zilveren Lepel Napels. Leuke boeken, want de gerechten verschillen flink per regio. Doordat Italië zo’n groot land is en doordat de regio’s echt verschillende tradities kennen. De schrijvers van het nieuwe kookboek Toscane – de Italiaanse-Britse Giancarlo & Katie – brachten vorig jaar dan ook al het kookboek Sicilië uit.

    Meer dan recepten

    Wat leuk is aan dit Toscaanse kookboek is dat er zoveel meer in staat dan alleen maar recepten. Bijvoorbeeld verhalen over de geschiedenis van de Toscaanse keuken en familietradities. Maar ook leer je heel gedegen de basis van de Toscaanse keuken:

    • Hoe kook je gedroogde bonen goed?
    • Hoe bewaar je ingemaakte voedingsmiddelen?
    • Wat is een cartoccio en hoe maak je die?
    • Hoe maak je een goede bouillon of soffrito?
    • Of de perfecte bistecca fiorentina?

    Dat is kennis die je eigenlijk zou moeten hebben voordat je aan een recept begint. Het is de kennis van de voorwaarden die het uiteindelijke resultaat optimaliseren.

    Toscaanse smaken

    Wat zijn nu echt Toscaanse smaken of ingrediënten? Lever, bijvoorbeeld. Drie recepten kun je in het kookboek Toscane vinden:

    • Geroosterd brood met kippenlevertjespaté
    • Soezen gevuld met kippenlevertjes
    • Room en citroen en kalfslever met boter en salie

    Of kastanjemeel, ook daarmee twee gerechten:

    • Kastanje-aardappelgnocchi
    • Kastanjepannenkoeken gevuld met ricotta en citroen

    Twee bijzondere ingrediënten met een een uitgesproken smaak. Ik moet eerlijk zeggen: dat zijn nu net de smaken waar ik niet zo van houd. Waar word ik dan warm van in dit kookboek?

    Of toch?

    Ik houd wel van stoofpotten, langzaam gegaarde gerechten waarbij je uiteindelijk de tijd en het geduld proeft die je erin hebt gestopt. Drie stoofpotten met verschillende soorten vlees: wild zwijn, konijn of runderstoofpot met eekhoorntjesbrood.

    Maar als ik wat probeer te minderen met vlees kan ik ook terecht in dit kookboek voor verschillende soorten stevige salades. Maaltijdsalades die écht wel anders zijn dan de Nederlandse salade met geitenkaas of zalm. In de salades vind je farro, sardines of borlottibonen.

    Ook is dan de cartoccio erg leuk, een manier om groenten te stomen in de oven in een pakketje bakpapier. Voor de mensen die thuis nog geen stoomoven hebben en het stomen lekker ouderwets kunnen aanpakken en dat dan heel terecht ‘op zijn Toscaans’ kunnen noemen.

    Toscane - simpele recepten & feestmaaltijden uit Italië - CaldesiToscane – simpele recepten & feestmaaltijden uit Italië (inkijkexemplaar)
    door: Giancarlo Caldesi & Katie Caldesi
    271 blz.
    € 24,95
    Good Cook, mei 2018
    ISBN 9789461431875

    Koop bij bol.com

  • in ,

    Senigallia, bellissima!

    Dit voorjaar bezocht ik Senigallia, een mondaine badplaats in het gewest De Marken, gelegen tussen Fano en Ancona. Bij Senigallia heb je geweldige zandstranden van wel 13 kilometer breed. Bijzonder, omdat een groot deel van de Adriatische kust uit kiezelstranden bestaat. Maar vergis je niet! Deze stad is meer dan alleen een badplaats. Het heeft een geweldig mooi historisch centrum dat minder aandacht krijgt dan verdiend.

    De ligging van Senigallia aan de Adriatische kust
    De ligging van Senigallia aan de Adriatische kust (bron: Google Maps)

    We verbleven dit voorjaar 2 weken in Fratte Rosa, tussen Urbino en Fano in. Een mooie uitvalsbasis voor de middeleeuwse dorpjes in het grasgroene heuvellandschap van Le Marche (De Marken). Een van de parels van de regio is beslist het schitterende Corinaldo.

    De universiteitsstad Urbino is ook een bezoek waard, net als de Romeinse stad Fano met zijn mooie poorten, stadsmuren en middeleeuwse centrum. Maar naast deze steden wilde ik ook graag een Senigallia verkennen, de ondergewaarde badplaats aan de mooie Adriatische kust.

    Plattegrond van Senigallia (bron: Senigallia Explorer) (klik voor een vergroting)

    Geschiedenis

    De stad werd rond 284 v.Chr. gesticht door de Romeinen, die het veroverden op de Senonen, die er al vanaf de 4de eeuw v.Chr. woonden. De stad kreeg van de Romeinen de naam Sena Gallica en het werd de eerste Romeinse kolonie aan de Adriatische kust. In de middeleeuwen was Senigallia het het belangrijkste handelscentrum van het hertogdom Urbino. Veel oude gebouwen ademen de grandeur van vervlogen rijke tijden.

    Aardbevingen

    Een enorme aardbeving in 1930 richtte grote verwoestingen aan in Senigallia. Ook nu nog lijdt de regio onder regelmatige aardbevingen. Veel modernere gebouwen zijn gebouwd op bestandheid tegen bevingen.

    De afgelopen eeuw groeide Senigallia uit tot een van de belangrijkste badplaatsen aan de Adriatische kust, hoewel het een stuk minder bekend is dan het vooral onder jongeren populaire Rimini.

    Bij Senigallia aan het strand
    Bij Senigallia aan het strand (foto: Edward Hendriks)

    Boulevard en haven

    Slenter over de lange boulevard, langs strandtentjes, restaurants en speelplekken voor kinderen. Neem zeker de tijd om ergens een drankje en een hapje te doen en geniet van de heerlijke atmosfeer die deze plek biedt. Als het lekker weer is kun je natuurlijk ook genieten van het strand!

    Het mooie strand van Senigallia: Blauwe Vlag (bron: adriaeco.eu)

    Het strand bij Senigallia (Spiaggia di Levante, Spiaggia di Ponente) is gewaardeerd met een Blauwe Vlag, wat betekent dat het tot de schoonste stranden van Italië behoort. Een ander voordeel van dit strand is dat het heel geleidelijk afloopt in zee. Ideaal voor kinderen! Bovendien kun je hier – als je met de auto bent – direct aan het strand parkeren. Je staat dan met je auto aan de boulevard (de lungomare) van Senigallia. In het hoogseizoen moet je hiervoor wel parkeergeld betalen.

    Met een biertje genieten aan het strand van Senigallia
    Met een biertje genieten aan het strand van Senigallia (foto: Edward Hendriks)

    Ben je klaar met het strand, loop dan even door naar de haven en bekijk hoe de vissers in de weer zijn met hun netten en boten of vergaap je aan de dure jachten die aangemeerd liggen.

    De haven van Senigallia, met een bootje onder Nederlandse vlag!
    De haven van Senigallia, met een bootje onder Nederlandse vlag! (foto: Edward Hendriks)

    Paradijs voor architectuurliefhebbers

    Ben je uitgekeken op de haven en het strand, dan heeft Senigallia nog veel meer voor je in petto. Het verrassend mooie stadscentrum is deels ommuurd en een paradijs voor liefhebbers van architectuur. De stad en het strand zijn van elkaar gespleten door de rivier de Misa.

    Het centrum van Senigallia
    Het centrum van Senigallia (foto: Edward Hendriks)

    Langs de zuidoostelijke oever van deze rivier vind je de statige zuilengalerij Portici Ercolani, die is vernoemd naar de bisschop Giuseppe Maria Ercolani. De galerijen werden door Alessandro Rossi in 1746 gebouwd. Ze vormden in die tijd het handelscentrum voor de schepen die hier de haven binnenvoeren om er hun koopwaar te verhandelen. En eerlijk is eerlijk: het doet ook behoorlijk Venetiaans aan!

    Portici Ercolani in Senigallia
    Portici Ercolani in Senigallia (foto: Keith Laverack – Flickr)

    Gehandeld wordt hier anno nu in boetiekjes en winkels met toeristische snuisterijen. Ook vind je eettentjes en barretjes in de zuilengalerij.

    Op de noordwestelijke oever tref je de Porta Lambertina aan, een van de twee overgebleven stadspoorten. De poort herinnert aan paus Lambertini (Benedictus XIV), die het Colosseum in Rome van de ondergang redde.

    In de zomer vind je onder de poort een markt een een openluchttheater. De poort leidt naar het gezellige historische centrum waar het aan het begin van de avond (zeker in het weekend) een drukte van belang is.

    De Porta Lambertina die toegang geeft tot het centrum van Senigallia
    De Porta Lambertina die toegang geeft tot het centrum van Senigallia (foto: Edward Hendriks)

    De inwoners van Senigallia zijn dan massaal aan de aperitivo. Er wordt gelachen, gedronken en gegeten. Je kunt genieten van muziek en van heerlijke Italiaanse ijsjes. Grootstedelijke problemen lijken ver weg. Hier is het la dolce vita wat de klok slaat!

    Gezellige straatjes met cafés en eetgelegenheden in het voetgangersgebied
    Gezellige straatjes met cafés en eetgelegenheden in het voetgangersgebied (foto: Edward Hendriks)

    Wat begint als aperitief gaat trouwens tot in de late uurtjes door. Senigallia is ook jouw bestemming als je je na een dag zee en cultuur lekker onder wilt dompelen in het bruisende nachtleven.

    Piazza Roma met het stadhuis van Senigallia
    Piazza Roma met het stadhuis van Senigallia (foto: Edward Hendriks)

    Rocca Roveresca en Foro Annonario

    Andere belangrijke bezienswaardigheden in Senigallia zijn het 12e-eeuwse fort Rocca Roveresca. Een lange brug verbindt het fort met het Piazza del Duca, waarop je de mooi gerestaureerde Eendenfontein of Leeuwenfontein vindt.

    Fontana delle Anatre (eendenfontein) op Piazza del Duca in Senigallia
    Fontana delle Anatre (eendenfontein) op Piazza del Duca in Senigallia (foto: Wikimedia)

    Het Rocca Roveresca had in de afgelopen eeuwen verschillende defensieve en andersoortige functies. Het was in gebruik als artillerieschool, als ziekenhuis, als gevangenis en als weeshuis. Tegenwoordig vind je er veel culturele evenementen en tentoonstellingen.

    Het Rocca Roveresca
    Het Rocca Roveresca (beeld: YouTube)

    Ook heel bijzonder is de in de smalle steegjes van het historische centrum verstopte Chiesa della Croce (Kerk van het Kruis). Een kleine kerk uit 1608 die renaissance van buiten en barok van binnen is. Het is binnen in de kerk alles goud wat er blinkt!

    Het mooiste kerkje van Senigallia: Chiesa della Croce
    Het mooiste kerkje van Senigallia: Chiesa della Croce (beeld: Google Maps)

    En dan is er ook het neoclassicistische plein Foro Annonario uit 1834. Dit cirkelvormige piazza is gemaakt met metselwerkzuilen die de galerijen ondersteunen en met dakpannen van klei. Het is ontworpen door de architect Pietro Ghinelli in 1834.

    Rondstruinen door Senigallia

    Overal in het centrum zijn trouwens voetgangersgebieden, waardoor je heerlijk rond kunt struinen zonder last te hebben van druk verkeer. Ik raad je echt aan hetzelfde te doen, Senigallia is een geweldige struinstad.

    Het Foro Annonario in Senigallia
    Het Foro Annonario in Senigallia (foto: Wikimedia)

    Rotonda al Mare

    Een ander karakteristiek punt in Senigallia is de pier, genaamd Rotonda al Mare uit de jaren dertig. Na een periode van verval in de jaren tachtig en negentig is dit bouwwerk uit het fascistische tijdperk in 2007 feestelijk heropend. Hier kun je nu regelmatig genieten van tentoonstellingen, concerten en andere evenementen.

    Video: net als de pier van Scheveningen, maar dan anders:

    Ben je in De Marken en enigszins in de buurt van Senigallia? Sla deze verrassende badplaats dan zeker niet over! Zelf kan ik eigenlijk niet wachten om terug te gaan naar deze stad en meer te proeven van de fantastische mediterrane atmosfeer die je hier op elke straathoek proeft. Naast het streetfood en de gelati uiteraard!

    Hoe kom je er?

    Vanuit Nederland kun je met het vliegtuig vanaf Schiphol (je vliegt dan op Ancona) met KLM of Alitalia. Met Ryanair kun je vanaf Weeze Airport (tip!) naar Ancona vliegen. Vanaf de Aeroporto delle Marche is het dan nog slechts 20 minuten rijden met je huurauto naar Senigallia. Met je eigen auto vanaf Nederland of België moet je rekenen op één tot twee dagen rijden.

    Bekijk ook: de 10 mooiste plekken in De Marken.

  • in ,

    Italiaans kookboek: De Pizza Elementen

    Italiëplein heeft een naam opgebouwd als het gaat om zelf pizza’s bakken. Een website vol tips over alles wat met pizza te maken heeft. Een webshop met pizzaspullen. En een uitgeverij van pizzaboeken. Nu is er dan dit Amerikaanse boek in een Nederlandse vertaling uit bij Italiëplein: De Pizza Elementen.

    Ken Forkish

    Ken Forkish, eigenaar van Ken’s Artisan Pizza in Portland, is een Amerikaanse autoriteit op bakgebied. En dan met name op het gebied brood bakken. Hij ging zich echter eveneens toeleggen op pizza bakken en kwam erachter dat dat een heel andere tak van sport is.

    In dit boek vertelt Forkish over zijn zoektocht op verschillende plekken naar perfecte pizza’s. Hij bezoekt pizzeria’s in Rome, Napels, New York en demonstreert dat de ene pizza de andere niet is. Ze hebben allemaal bestaansrecht en juist die stijlverschillen maken de pizza interessant.

    Daarbij gaat het niet alleen tussen de pizza met dikke bodem of luchtige cornicione (rand) uit Napels en de dunne bodem en rand uit Rome, maar ook over bijvoorbeeld over platbrood en al taglio-pizza’s.

    De Pizza Elementen Ken Forkish

    Deeg

    De helft van het boek is gewijd aan het maken van het deeg. Geen koud kunstje. Ik ging thuis aan de slag met het deeg dat naar mijn idee het meest bereikbaar was en dat heette: ‘Ik heb me verslapen maar ik wil vanavond pizza-deeg’.

    Ik kocht speciale bloem voor pizza met de juiste W-waarde. Het is nogal een ingewikkeld verhaal waarom je speciale bloem moet hebben. Het heeft te maken met de ontwikkeling van de gluten of de capaciteit om vocht op te nemen die het resultaat van je pizza bepalen.

    Het lukte me echter maar niet om een samenhangend deeg te maken van het recept. Na contact met Stefan Tibben van Italiëplein bleek dat het zeker niet voor beginners is om een pizzadeeg te maken met 70% water.

    Ik moest wat bloem toevoegen en kon me niet houden aan het recept. Voor het leren van het vak kun je overigens ook terecht bij Italiëplein. Je kunt Stefan al je vragen stellen via social media of e-mail.

    zelf pizza bakken met pizzaboek pizza elementen 1

    Beleg

    De andere helft van het boek is gewijd aan verschillende soorten beleg. Daarbij legt Forkish, als Amerikaan, ook uit hoe je wodkasaus maakt, een Brooklyn Hot Honey Pizza of een pizza met gehaktballetjes. Uiteraard staan er ook Italiaanse recepten in voor pizza’s.

    Het verhaal dat hij vertelt over die Italiaanse emigranten die in Amerika hun kunst aanpasten en ontwikkelden in een eigen richting is leuk gedaan. Het verhaal over het vochtgehalte in mozzarella vind ik dan nét wat te ver gaan, maar het is een vak en dat soort details zijn heel belangrijk voor de mensen die er mee werken. Voor zowel de professionele pizzaiolo als de amateur-pizzabakker.

    zelf pizza bakken met pizzaboek pizza elementen 3

    De bodem is het moeilijkst

    Hoewel de topping voor veel thuiskoks interessanter is, gebiedt eerlijkheid mij te zeggen dat de kwaliteit van de bodem belangrijker is voor het maken van de perfecte (thuis)pizza. Het maken van de bodem is veel ingewikkelder dan het kiezen van je beleg.

    Het eindresultaat van de bodem is aan zoveel factoren onderhevig:

    • De eigenschappen van de bloem, rijstijden, temperatuur van de lucht.
    • Maar ook de temperatuur van je water, de tijdsduur van het mengen van je deeg, het gebruik van een mixer.
    • De wijze van het kneden met de hand, het uitrekken van het deeg met de hand, het soort oven.
    • Het al dan niet hebben van een pizzasteen, de handigheid met de pizzaschep.

    En dan ben ik nog wel wat factoren vergeten. Het is écht een complex verhaal waar niet iedereen oren naar zal hebben. Verandert één factor, dan zul je een andere factor aan moeten passen voor hetzelfde resultaat.

    Welk boek past bij jou?

    De Pizza Elementen is dus zeker interessant voor enthousiaste pizzabakkers die op zoek zijn naar het bakken van nóg lekkere pizza’s. De instructies en tips zijn gedetailleerd en daarmee waardevol.

    Vind je het beleg echter interessanter dan het deeg en heb je niet zoveel met Amerikaanse pizzatradities? Dan kun je beter het boek Bloem, water, gist, zout kopen van Italiëplein – de vertaling van de officiële Napolitaanse pizzavereniging – dat 3 jaar geleden verscheen. Dit boek heeft daarin net wat meer te bieden.

    De Pizza Elementen pizzaboekDe Pizza Elementen (inkijkexemplaar)
    Geheimen uit Napels, Rome en New York voor de perfecte pizza thuis
    door: Ken Forkish
    249 blz.
    € 29,95
    Italiëplein, juni 2018
    ISBN 9789082341737

    Koop bij bol.com

  • in ,

    Column: op bezoek bij Giacomo Puccini in Lucca

    het geboortehuis van giacomo puccini

    Tijdens mijn vakantie heb ik altijd lekker veel ‘tenor-dagen’. Dat zijn voor mij dagen dat ik zo’n 14 uur per dag bezig ben met muziek, door de studie van de partituren van onder andere de Traviata, Rigoletto, Madame Butterfly en de Bohème.

    Daarnaast doe ik oneindig veel stemoefeningen en wissel ik het studeren af met het geven van eigen concerten en bezoek ik graag stadjes waar de grote Italiaanse operasterren en -schrijvers hebben gewoond.

    Zo was ik vorig jaar in Modena in het huis van Luciano Pavarotti, weet ik sinds kort waar in Florence Mario del Monaco heeft gewoond en staat het huis van Caruso, net buiten Florence, nog op mijn to-do-list om te gaan zien.

    Via de Bohème naar Lucca

    Het repeteren van het Che gelida manina uit de Bohème van Giacomo Puccini inspireert me om meer te weten te komen over het leven van Puccini. Hoewel ik veel meer Verdi dan Puccini studeer op dit moment (voor Puccini heeft je stem nog wat meer ‘gewicht’ nodig) en ik daardoor meer van Verdi dan Puccini af weet, kan ik mijn nieuwsgierigheid niet bedwingen om op onderzoek uit te gaan wie die Giacomo dan precies was. En om meer van Puccini te weten, moet je allereerst afreizen naar Lucca, zijn geboortedorp.

    Casa Puccini

    Eenmaal de stad ingelopen zie ik al snel de bordjes naar het ‘Casa Puccini’, dat aan een van de vele pleintjes ligt. Ik loop naar het ticketoffice voor een kaartje. De verkoopster kijkt me meewarig aan als ze mijn grote glimlach ziet en ik met glinsterogen mijn entreebewijs koop. ‘Dit zou zo maar eens heilige grond voor me kunnen zijn, mevrouw, vandaar dat ik zo glimlach’.

    Ze schiet in de lach: ‘Operazanger zeker? Ja, die lachen hier altijd!’ Ze geeft me de instructies ‘u loopt schuin het plein over en dan ziet u de ingang. Daar moet u aanbellen en dan is het op de tweede verdieping.’

    Even kijk ik haar fronsend aan. Aanbellen? denk ik bijna hardop. Alsof Puccini straks zelf de deur open doet en de koffie klaar zet.

    Ik steek het pleintje over en met enige twijfel bel ik aan en een tel later hoor ik een mannenstem door de intercom: ‘Welkom! Heeft u een kaartje? Mooi, dan laat ik u binnen. Tweede verdieping.’

    Totaal in de war loop ik het pand binnen en klim naar de tweede verdieping. Daar staat een deur op een kier. Ik klop aan en duw de deur open. De stem van Renata Tebaldi, die het Vissi d’arte, Vissi d’amore uit Puccini’s Tosca zingt, galmt door de kamer.

    Er zit een jongen achter de balie die me glimlachend begroet. ‘Welkom. Hier het plattegrondje met alle instructies. Veel plezier. U bent de enige.’

    Met ingehouden adem loop ik het eerste vertrek binnen. Er staan vitrinekasten met handgeschreven partituren. Het is Puccini’s handschrift en op het bordje staat geschreven dat het de eerste versie van de Bohème is. Ik kan mijn ogen niet geloven. Dit is zijn echte werk! Dit is allemaal van hém! Ik krijg er kippenvel van.

    Terwijl de verschillende opera aria’s me door de vertrekken begeleiden, zie ik kostuums en scènes van zijn verschillende meesterwerken. Veel boeken, veel geschriften. Bladmuziek waarop gepriegelde correcties staan, aantekeningen bij de decorstukken. ‘Deze man moet extreem perfectionistisch zijn geweest. Bijna briljant gek,’ mompel ik in mezelf.

    Maar wie is Puccini nou?

    Na een tijdje rondgelopen te hebben en vooral de rust en de harmonie van deze perfectionist te hebben ervaren (zelf zijn huis is een genot voor het oog met alle kleine details. Ik moet zeggen, hij had wel smaak!), loop ik terug naar de jongen aan de balie. Hij ziet dat ik ontroerd ben en enigszins ontdaan vraag ik hem wie Puccini nou werkelijk was. Zijn verhaal was meer dan fascinerend.

    ‘Ik werk al een paar jaar voor de Fondazione Giacomo Puccini hier in Lucca en heb veel over hem gelezen. Sterker nog, Puccini is praktisch onderdeel geworden van mijn leven,’ begint hij zijn verhaal. Zijn ogen twinkelen.

    ‘Puccini was in het begin helemaal niet zo briljant als je denkt. Hij was geen virtuoze Mozart, eerder een vrijbuiter: veel drank, veel vrouwen. In Lucca studeerde hij muziek en ging vervolgens naar Milaan waar hij doorstudeerde aan het conservatorium, waar hij de Bohème en de eerste versie van Madame Butterfly schreef. Die laatste was rampstuk, mensen vonden er niets aan. Tot hij het herschreef en… het een van zijn grootste successen werd.’

    Mascagni, Verdi en Toscanini

    Eenmaal in Milaan aangekomen, had Puccini Pietro Mascagni als kamergenoot. Een maatje aan wie Puccini zich kon optrekken, want Mascagni was zeer gedisciplineerd en liet Puccini kennismaken met de complexe muziek van Wagner.

    Toen hij later ook nog met Toscanini in aanraking kwam (die zijn orkest wist te drillen alsof het een leger was), wist hij dat hij zich moest laten inspireren door en optrekken aan hen die beter waren dan hij. En dat heeft hij gedaan. Zijn bronnen waren kunstenaars, artiesten en componisten die hem inspireerden tot het maken van de meest complexe decors en kostuums en het schrijven van technisch enorm ingewikkelde opera’s,

    Het geheim

    ‘Maar wat is dan het geheim van zijn perfectie?’ vraag ik de jongen. ‘Nou’, zegt hij, ‘ik denk dat hij, toen hij eenmaal wist dat hij dit wilde doen, altijd ervoor heeft gezorgd dat hij werd uitgedaagd door mensen tegen wie hij opkeek en besloot het tegendeel te bewijzen: hij kon echt wel wat.’

    Hij kijkt me even aan terwijl ik nadenk over zijn woorden. ‘Wauw, dat is eigenlijk wel heel gaaf’, zeg ik uiteindelijk. ‘Want dit zijn de thema’s die nu ook spelen in de (Italiaanse) maatschappij. Wij mogen ook allemaal meer uitgedaagd worden om het beste in onszelf naar boven te halen en iedere dag 100% van onszelf te geven.’

    ‘Juist,’ zegt de jongen. ‘Zo zie je maar dat we nog heel veel van het verleden kunnen leren, mochten we de inspiratie vandaag de dag in de maatschappij niet vinden. Gelukkig is het opgeschreven en hebben we de geschiedenis nog.’

    Ik dank de jongen hartelijk voor alle uitleg en nog denkend aan alles wat hij gezegd heeft, loop ik weer naar buiten. Vanuit het trappenhuis hoor ik het Nessun Dorma uit de Turandot, de laatste en helaas onvoltooide opera van Puccini. Hij stierf voor hij het einde kon opschrijven en liet dat over aan andere componisten.

    Het standbeeld van Puccini in Lucca
    Het standbeeld van Puccini in Lucca (foto: Wikimedia)

    All’Alba vincerò… bij de dageraad zal ik winnen. Terwijl de deur achter me dichtvalt, zie ik schuin voor me het standbeeld van een trotse Puccini die uitkijkt over zijn plein, wetend dat hij ondanks een moeilijke start van zijn carrière bij iedere dageraad heeft gewonnen.

    Website Puccini Museum:
    http://www.puccinimuseum.org/en/

  • in , ,

    Italiaans kookboek: Jamie kookt Italië

    Jamie Oliver, ik denk dat heel Nederland er wel een kookboek van in de kast heeft staan. Je kunt er alle kanten mee uit: snel, slow, alle delen van de wereld, superfood. Jamie weet er raad mee. Hij heeft een imperium. Zoals de Italianen vroeger een Romeins imperium hadden, alleen dan anders. Restaurants, kookboeken, tv-shows, koekenpannen. Zijn maatschappelijke strijd voor betere schoolmaaltijden en gezond eten bij Britse gezinnen. En nu is er dan Jamie kookt Italië, een nieuw Italiaans kookboek uit van Jamie, opgedragen aan de dit jaar overleden Antonio Carluccio. (Meer weten over Carluccio? Lees dan de besprekingen van diens pastakookboek en zijn groentekookboek. Un mito!)

    Achteloos koken

    Jamie kookt Italië is een prachtig boek met heerlijke recepten en dito foto’s. In het boek zie je ook veel plaatjes van Jamie die ergens op een verlaten weiland met een houtvuurtje een of ander heerlijk en fantastisch gerecht achteloos bij elkaar kookt.

    Ik denk dan: hoe doet hij dat? Ik zou het vuur al niet aankrijgen, niet weten waarop ik mijn pan zou moeten zetten en het eten laten verbranden in mijn eigen tuin. Maar Jamie kan dat. Hij geeft ook altijd veel tips over hoe je achteloos moet koken: snijd de stukken bleekselderij in stukken van 1 cm staat er dan, maar het hoeft niet te precies, het mag ook lekker scheef zijn. Maakt dus allemaal niet uit!

    Gebakken eieren met mozzarella
    Gebakken eieren met mozzarella: een van de recepten in Jamie kookt Italië

    Moeilijke ingrediënten

    De kunst van het lekkere Italiaanse eten zit ‘m, helaas, voor een deel in moeilijk verkrijgbare ingrediënten. Zeker voor iemand zoals ik, die in een achtergebleven gebied woont op twintig minuten van de snelweg.

    Hier zijn geen schaars bevoorrade speciaalzaken waar je paarse kleine artisjokken, babycourgettes, gezouten ricotta, zuurdesembrood, lardo, scamorza of zelfs maar octopus kunt vinden. Ik heb geen moestuin en haal mijn eten vooral bij een supermarktketen die ik niet bij naam ga noemen.

    En zelfs al heb ik twee keer een diepgevroren octopus op de kop weten te slaan (letterlijk, dat moet om hem mals te maken), het lukt me maar niet om deze net zo lekker te laten smaken als in Italië.

    Wat dat betreft verkoopt Jamie ook een beetje een illusie. We kunnen niet allemaal met een octopus in het koelvak van je Volkswagenbusje door de achterlanden van de Abruzzen toeren om daar met een geitenwollentrui te stoppen bij een beekje waar je een kampvuurtje maakt en je octopus tevoorschijn haalt. Om dan natuurlijk dat fantastische gerecht te roosteren op een houtvuurtje.

    Mijn naam is Oliver. Jamie Oliver.
    Mijn naam is Oliver. Jamie Oliver.

    Mettere alla prova

    Ik probeerde deze week dus maar twee gerechten uit in mijn eigen standaardkeuken in die kleine vinexwijk van Schoonhoven. Een vegetarische lasagne met prei, venkel en kaas. Makkelijk in de bereiding en superlekker.

    En met de borlotti- of kievitsbonen als bijgerecht, die ook erg lekker en makkelijk waren, maar totaal niet fotogeniek zijn. Behalve in het boek van Jamie.

    Fotogenieke recepten in Jamies nieuwste kookboek
    Fotogenieke recepten in Jamies nieuwste kookboek

    Ik vind dat toch altijd wel interessant: lukt het me om het recept zo te koken dat het lijkt op het plaatje in het boek? Maar als ik een foto van mijn bruine bonen maak is dat meestal niet eetlustopwekkend, eerlijk is eerlijk.

    Ik ben dan ook geen food photographer maar docent Italiaans. Ik ga ervan uit dat jij ook weleens een foto maakt van je eten, maar daarvoor, net als ik, geen belichtingsset uit de kast haalt.

    Nonne

    Wat ik wel heel sympathiek vind is dat Jamie alle omaatjes (en opaatjes) van wie hij zijn recepten heeft gekregen bij naam en toenaam noemt en met foto vastlegt in het boek.

    Jamie met zijn bronnen
    Jamie met Gennaro Contaldo

    Ik heb het idee dat heel veel Italiaanse kookboeken welvaren bij het verkrijgen van recepten van de oudere generatie Italianen. Italianen die zelf minder bedreven zijn met hun marketing en het vergroten van hun kookimperium.

    Dat gaat nu eenmaal zo, maar het is wel sympathiek dat je er eerlijk voor uitkomt en eer betoont aan al die oude dames. Dan kunnen zij Jamies kookboek met hun foto’s erin laten zien aan de buren en hun kleinkinderen. Dan is het toch ook een beetje hun kookboek.

    Jamie kookt Italië (inkijkexemplaar)
    Uit het hart van de Italiaanse keuken
    door: Jamie Oliver
    € 29,99
    Kosmos Uitgevers, augustus 2018
    ISBN 9789021569598

    Koop bij bol.com

  • in

    Italië nr. 1 reisbestemming voor alleenreizende vrouwen

    Alleenreizende vrouwen gaan graag naar Italië

    Wat is de grootste opkomende markt van allemaal? Het antwoord is niet geografisch maar demografisch: het is de vrouw! De Harvard Business Review beschreef deze ontwikkeling al een aantal jaren geleden en vandaag de dag wordt dit ook veelvuldig bevestigd binnen de toeristische sector. Onlangs concludeerde tijdschrift Forbes nog dat vrouwen zo’n 80% van alle reis-gerelateerde beslissingen en boekingen maken. Het type reis dat zij ieder de laatste jaren steeds vaker boeken is een soloreis, de gemiddelde avontuurlijke reiziger is dan ook geen 28-jarige man, maar een 47-jarige vrouw.

    Reiszoekmachine HomeToGo deed onderzoek naar de drijvende kracht achter de reisindustrie en ontdekte dat vrouwen niet alleen de reisbeslissingen nemen, maar ook steeds vaker alleen op reis gaan. De zoekmachine zocht uit wat de beste en meest populaire bestemmingen zijn voor vrouwelijke solo-reizigers in 2018.

    Hiervoor werden verschillende internationale studies zoals de ‘Global Peace Index’ en het ‘Travel & Tourism Competitiveness Report’ gebruikt en ervaren solo-reizigsters geïnterviewd. Op deze manier selecteerde HomeToGo reisbestemmingen voor verschillende typen vrouwelijke solo-reizigers. Al deze landen werden vervolgens beoordeeld op basis van diverse criteria, met als voornaamste: Veiligheid, Gastvrijheid, Activiteiten, Reizen & Vervoer, Levenskosten en Accommodatie.

    Top 4 reisbestemmingen voor vrouwen

    Dit was de top 4 van beste landen voor vrouwelijke soloreizigers:

    Land

    Veiligheid

    Gastvrijheid

    Activiteiten

    Reizen & Vervoer

    Levenskosten

    Accommodatie

    Score

    (Max =30)

    Italië

    4

    4

    5

    4

    3

    3

    23

    Peru

    3

    5

    2

    1

    4

    5

    20

    IJsland

    5

    5

    3

    2

    1

    1

    17

    Marokko

    3

    2

    2

    3

    4

    2

    16

    Italië – de perfecte start als solo-reizigster

    Al dan niet geïnspireerd door Elizabeth Gilbert’s memorie genaamd Eat, Pray, Love kiezen veel reizigsters voor Italië als (eerste) solo-reisbestemming. Het eten, de heerlijke wijn, de aangeboren gastvrijheid van de Italianen, gecombineerd met het mooie weer en de historie alom, maken een reis binnen de ‘laars van Europa’ onvergetelijk.

    Je bent hier als solo-reizigster absoluut veilig en er valt genoeg te zien en beleven om je nooit meer een dag te hoeven vervelen. Er wordt beweerd dat de Italiaanse reiservaring voor veel vrouwen zelfs zo bijzonder was dat ze besloten om Italië nooit meer te verlaten.

    Ondanks dat het (openbaar) vervoer, en het dagelijkse leven zelf, soms net wat chaotischer is dan thuis, is rondreizen door Italië eenvoudig. De lokale levenskosten ontlopen de Nederlandse prijzen niet veel maar zijn doorgaans absoluut goedkoper.

    Italië is een vakantieland bij uitstek en er zijn dan ook enorm veel vakantiehuizen, hotels en appartementen te vinden. De prijs van een overnachting valt relatief mee, maar Italië is niet de goedkoopste reisbestemming.

    Dus. Waar wacht je nog op? Het is tijd om lekker te gaan backpacken door bijvoorbeeld Sicilië!

    Bron: persbericht HomeToGo

  • in

    De 10 mooiste kastelen van Italië

    Denkend aan Italië, zullen ‘kastelen’ niet meteen het eerste zijn wat bij je opkomt. En dat terwijl het land juist rijk is aan mooie kastelen: het heeft er meer dan 400! Sommige liggen op hoge bergen, andere juist op een heuvel in een glooiend landschap en weer anderen worden helemaal omringd door water. Heel divers dus onderling, maar één ding hebben ze gemeen: ze zijn adembenemend mooi. We stelden een lijst samen met de 10 mooiste kastelen van Italië.

    1. Rocca Scaligera van Sirmione – Lombardije

    Het kasteel van Sirmione: Rocca Scaligera
    Het kasteel van Sirmione: Rocca Scaligera (foto: Wikimedia)

    Een vakantie aan het Gardameer is niet compleet zonder een bezoekje aan Sirmione. Het stadje ligt op een smal schiereiland in het Gardameer. De vier muren en de drie torens van de Rocca Scaligera, een van de best bewaarde kastelen in Italië, beschermen het historisch centrum.

    Je kunt er alleen komen via een van de twee ophaalbruggen die Sirmione verbinden met het vasteland. Aan één kant van het kasteel is een dok, omringd door muren en torens die zo ooit de boten beschermden.

    En wat zou een kasteel zijn zonder zijn eigen spook? Volgens een oude legende zwerft in stormachtige nachten de geest van Ebengardo door het kasteel, op zoek naar zijn Arice.

    2. Castello Aragonese van Ischia – Campanië

    Castello Aragonese op eiland Ischia
    Castello Aragonese op eiland Ischia (foto: Wikimedia)

    Wie ‘Ischia‘ zegt, zegt ‘Castello Aragonese’. Dit kasteel ligt op een rots in de zee voor het eiland en torent op zijn hoogste punt 113 meter boven het zeeniveau uit. De stenen brug Ischia Ponte verbindt het vestingsstadje Celsa op Ischia met de rots.

    Om bij het kasteel te komen, moet je vervolgens nog door een 400 meter lange tunnel. Voordat Alfons van Aragon deze tunnel in de 15e eeuw liet aanleggen, kon je het kasteel alleen via de zee bereiken.

    In het plafond van de tunnel zijn gaten aangebracht. Niet alleen om natuurlijk licht te hebben, maar ook om kokende olie en stenen over eventuele belegeraars van het kasteel uit te storten.

    Het ideale decor voor een film! In 1952 draaide Burt Lancaster er daarom enkele scènes van de film The Crimson Pirate met Burt Lancaster.

    Dronebeelden van Castello Aragonese:

    3. Castello di Miramare in Triëst – Friuli-Venezia Giulia

    Het Castello di Miramare in Trieste
    Het Castello di Miramare in Trieste (foto: Wikimedia)

    Wil je je een beetje prins of prinses voelen? Dan moet je naar het Castello di Miramare! Het kasteel is omringd door prachtige tuinen met bijzondere planten en bomen. Vanaf de oever waaraan het ligt, heb je een prachtig uitzicht over de Golf van Triëst.

    Aartshertog Maximiliaan van Habsburg liet het in 1855 bouwen om er te wonen met zijn echtgenote Charlotte van België. In het park ligt ook het ‘Castelletto’, een kleiner gebouw waar de twee pasgetrouwde echtelieden woonden tijdens de bouw van het kasteel.

    Het einde van hun sprookjesachtige huwelijk doet alle pracht echter teniet: Maximiliaan werd in Mexico gedood en heeft nooit in het kasteel gewoond. Charlotte verloor haar verstand na de dood van haar man en keerde uiteindelijk terug naar België.

    Droneopnamen van dit prachtige kasteel in Triëst:

    4. Rocca Calascio – Abruzzen

    Rocca Calascio - een van de mooiste kastelen van Italië
    Rocca Calascio – een van de mooiste kastelen van Italië (foto: Wikimedia)

    Midden in het Nationaal Park Gran Sasso en het Laga-gebergte ligt op 1.460 meter hoogte de Rocca Calascio. Dit middeleeuwse kasteel werd puur voor militaire doeleinden gebruikt.

    De grote, centrale toren is omringd met vier kleinere torens. Vanaf het kasteel heb je een spectaculair uitzicht over de Apennijnen en de kleine dorpjes die je in de verte tussen de bergen en de vallei ziet liggen.

    De perfecte filmset eigenlijk. Vandaar dat er verschillende films zijn gedraaid, waaronder Ladyhawke met Rutger Hauer en Michelle Pfeiffer, The Name of the Rose met Sean Connery (de binnenopnamen werden in de abdij van Eberbach in Duitsland geschoten) en de recentere The American met George Clooney.

    Magnifieke beelden van het Rocca di Calascio vanuit een quadrocopter:

    5. Castel dell’Ovo in Napels – Campanië

    Castel dell'Ovo bij nacht
    Castel dell’Ovo bij nacht (foto: Dorli Photography – Flickr)

    Dit kasteel is een van die prominente bouwwerken die bijdragen aan dat beroemde panorama van de Golf van Napels. Het is tevens het oudste kasteel van Napels: het werd in de 4e en 5e eeuw gebouwd.

    De merkwaardige naam, het ‘kasteel van het ei’, komt voort uit een oude legende. De Latijnse dichter Vergilius, die in de middeleeuwen ook als tovenaar werd beschouwd, zou in het geheim een ei in het fundament hebben verstopt. Dit ei zou het hele fort staande houden en het breken ervan zou niet alleen het kasteel laten instorten, maar ook een reeks catastrofes voor Napels betekenen.

    In de 14e eeuw liep het het kasteel aanzienlijke schade op en om een volksoproer te voorkomen, moest koningin Johanna I zweren dat zij het ei zou hebben vervangen om alle voorspelde ellende te voorkomen.

    De legende van het Castel dell’Ovo in beeld:

    6. De Engelenburcht in Rome – Lazio

    De Engelenburcht in Rome
    De Engelenburcht en de Engelenbrug in Rome (foto: Pixabay)

    Castel Sant’Angelo – beter bekend als de Engelenburcht – ligt op de rechteroever van de Tiber, in de buurt van het Vaticaan. Het wordt ook wel het Mausoleum van keizer Hadrianus genoemd, omdat het oorspronkelijk zijn grafmonument was.

    Paus Nicolaas III liet in 1277 voor de veiligheid een corridor bouwen tussen het Apostolisch paleis en de veilige burcht, om in geval van nood te kunnen schuilen.

    In de loop de eeuwen veranderde Castel Sant’Angelo regelmatig van rol: van een grafmonument werd het een versterkte buitenpost van de vestigingswerken van de stad, om vervolgens dienst te doen als gevangenis, daarna als residentie in renaissancestijl en tegenwoordig als museum.

    Het kasteel dankt zijn naam aan een visoen van paus Gregorius: hij zag de Aartsengel Michaël zijn zwaard in de schede steken en begreep dat het einde van de pestepidemie voorbij was.

    Castel Sant’Angelo vanuit de lucht:

    7. Castello van Fénis – Aostadal

    Castello di Fénis, Aostadal
    Castello di Fénis, Aostadal (foto: Wikimedia)

    In tegenstelling tot andere kastelen ligt het middeleeuwse kasteel van Fénis niet op de top van een berg, maar op een glooiende heuvel in een groen landschap. Het is een van de mooiste en best bewaard gebleven landhuizen die je in Italië kunt vinden.

    De ligging van het Castello di Fénis
    De ligging van het Castello di Fénis (bron: Google Maps)

    De bijzondere architectuur van de torens met kantelen, de dubbele verdedigingsmuren om het kasteel heen en de binnenplaats met fresco’s versterken het sprookjesachtige gevoel.

    En zoals het een zichzelf respecterend middeleeuws kasteel betaamd, waart er een heus kasteelspook(je) rond: een jongetje dat door zijn stiefmoeder vanwege een erfenis werd vermoord.

    Je hoeft niet te schrikken aks je hem tegenkomt tijdens een bezoek aan het kasteel: het spookje verplaatst alleen maar spullen en meubels, vooral in de keukens van het kasteel.

    In het Aostadal tref je trouwens ook je majestueuze Forte di Bard aan. Geen echt kasteel, wel een bijzonder mooie versterkte burcht op een unieke plek in het dal.

    8. Castel del Monte in Andria – Apulië

    Castel del Monte in Apulië: een vreemd kasteel, maar wel mooi
    Castel del Monte in Apulië: een vreemd kasteel, maar wel mooi (foto: Wikimedia)

    Dit is een van de meest mysterieuze kastelen van Italië. Je hebt het misschien wel voorbij zien komen in het laatste seizoen van We zijn er bijna! dat ons door de schitterende regio Apulië leidde.

    Het werd in de 13e eeuw gebouwd door keizer Frederik II op een 540 meter hoge heuvel. Het heeft een achthoekige plattegrond met een achthoekige toren op elke hoek. Het kasteel heeft geen slotgracht, niks wat duidt op een verdedigingswerk en geen strategische positie.

    Het heeft smalle wenteltrappen die absoluut ongemakkelijk zouden zijn om het kasteel te verdedigen, schietgaten die te smal zijn om pijlen doorheen te kunnen schieten en er ontbreken stallen om paarden neer te zetten.

    Kortom, de vraag die vele geleerden bezighoudt is: wat was de bedoeling van het kasteel? Was het een tempel voor de wetenschap, kijkend naar de wiskundig-astronomische en geometrische vormen waarin het getal 8 een belangrijke rol lijkt te spelen?

    Of was het een plek gebouwd als een Arabische hammam, kijkend naar de watersystemen die het gebouw heeft om water te verzamelen? En wat is nu precies het verband met de Tempeliers waar sommigen het over hebben?

    Castel del Monte staat ook afgebeeld op de Italiaanse munt van 1 cent.

    9. Castello van Marostica – Veneto

    Castello di Marostica
    Castello di Marostica (foto: Pixabay)

    Eigenlijk is het Castello di Marostica niet één, maar twee kastelen. Ze zijn verbonden door een 1.800 meter lange muur, die het hele stadje omringt.

    Via een van de vier stadspoorten kun je naar het historische centrum lopen met het mooie Piazza degli Scacchi, het schaakplein. Tweejaarlijks wordt hier in september een schaakwedstrijd gehouden met levende schaakstukken: personages in middeleeuwse kledingdracht.

    Het Schaakplein in Marostica in de jaren 50
    Het Schaakplein in Marostica in de jaren 50 (foto: Wikimedia)

    Tegenover het laag gelegen kasteel en het plein staat de Doglione, ook bekend als de Rocca di Mezzo, die ooit een tolhuis was.

    De levende schaakwedstrijd in Marostica:

    10. Castello Sforzesco in Milaan – Lombardije

    Mooi en markant: Castello Sforzesco in Milaan
    Mooi en markant: Castello Sforzesco in Milaan (foto: Pixabay)

    Castello Sforzesco werd in de 15 eeuw gebouwd door Francesco Sforza en is een van de belangrijkste symbolen van de Milanese geschiedenis.

    De buitenste verdedigingsmuur, ‘Ghilanda’ genoemd, is het oudste deel van het kasteel. Op de vier hoeken van de muur staan torens, die elk voor een windrichting staan. De torens hebben verschillende vormen: die op het zuiden en het oosten zijn rond, die op het noorden en het westen vierkant.

    Het kasteel is omringd door een slotgracht die inmiddels droogligt. De Filarete-toren, de hoogste en centraal gelegen toren, is de hoofdingang tot het kasteel. Bij de achtergevel van het kasteel ligt hier ligt de ‘Brug van Lodewijk de Moor’ die de appartementen van de hertog verbond met wat ooit de buitenmuren waren.

    Lodewijk sloot zichzelf op in zijn kamers na de dood van zijn geliefde vrouw Beatrix,. Vandaar dat de zalen nu de Salette Nere, de zwarte zaaltjes, worden genoemd. Het kasteel is tegenwoordig in gebruik als expositieruimte waar je werken van Mantegna, Tintoretto en Bellini kunt bewonderen.

    Luchtopnamen van het Castello Sforzesco in Milaan:

    Meer mooie kastelen?

    Dat waren ze. Onze lijst met de 10 allermooiste kastelen in Italië! Hebben we nog mooie Italiaanse kastelen vergeten? Geef ze dan aan ons door!

  • in ,

    Winactie: Figlia Mia

    Het zonovergoten Sardinië is niet alleen de setting van Het Italiaanse Dorp:  , maar ook van deze nieuwe Italiaanse film. In Figlia Mia (‘mijn dochter’) heeft de timide 10-jarige Vittoria een hechte band met haar liefhebbende moeder Tina (gespeeld door Valerio Golino). Maar als het meisje ontdekt dat het lokale feestbeest Angelica (een rol van Alba Rohrwacher) haar biologische moeder is, wordt hun rustige leven op Sardinië volledig op zijn kop gezet.

    Still uit Figlia Mia
    Still uit Figlia Mia (foto: Cinemien)

    Als Angelica gedwongen wordt om te verhuizen vanwege financiële problemen, wil ze Vittoria ontmoeten. Tina vindt dit goed, in de veronderstelling dat Angelica binnenkort de stad zal verlaten. Tegen Tina’s wil brengen Vittoria en Angelica steeds meer tijd samen door en wordt hun band steeds sterker.

    De trailer van Figlia Mia:

    Figlia Mia gaat over onvolmaakt moederschap en onlosmakelijke banden. Het is het aangrijpende verhaal van twee moeders en één dochter. Een film van Laura Bispuri, wier debuutfilm Vergine Giurata uit 2015 was.

    De film draait vanaf vandaag – 23 augustus – in de filmtheaters. Op de website van distributeur Cinemien kun je zien waar je hem bij jou in de buurt kunt bekijken.

    Win 2 vrijkaartjes!

    Stuur een e-mail met je adresgegevens naar redactie [at] ditisitalie [punt] nl als je 2 vrijkaarten wilt winnen. De kaartjes komen dan per post naar je toe.

    Update 28 augustus: de winnaar is inmiddels gekozen

    Hou de website in de gaten voor nieuwe winacties!

  • in ,

    Column: zieke praktijken in de gezondheidszorg

    gezondheidszorg in Italië

    Een goede vriendin zou binnenkort geopereerd worden door een befaamde orthopedische chirurg. Maar helaas! Op de valreep ging de operatie niet door, omdat de goede man in de tussentijd is gearresteerd. Samen met drie collegae, net als hij afdelingshoofden van Milanese ziekenhuizen, kreeg hij huisarrest op verdenking van corruptie.

    De malafide hooggeleerden bleken in het geheim aandeelhouders te zijn van een bedrijf in de regio dat medicijnen en protheses leverde aan hun eigen ziekenhuizen. Concurrerende producten kwamen er natuurlijk niet in en dankzij de bemiddeling van een bevriende politicus hadden ‘hun’ medicijnen zelfs in heel Lombardije verplicht moeten worden.

    Royalty’s

    Dat leverde de bende van vier, naast riante snoepreizen en baantjes voor familieleden, ook een schat aan royalty’s op, waar de geneesheren wel weg mee wisten. Een van hen had problemen met de aflossing van de hypotheek op zijn Milanese miljoenenwoning, terwijl twee anderen hun zinnen hadden gezet op een Maserati Ghibli, een hebbedingetje van zo’n 80.000 euro. Die zal er voorlopig niet komen, want onze vriendin, en zij niet alleen, is inmiddels overgestapt naar een andere specialist.

    Feestje

    Italië telt talloze hardwerkende, bekwame en bevlogen artsen, dat staat buiten kijf, maar toch raakt de medische stand regelmatig in opspraak. Zoals onlangs, toen een hele afdeling van het Ospedale del Mare in Napels een dag gesloten werd en de patiënten moesten verhuizen, omdat de geneesheer-directeur een feestje vierde met het voltallige personeel.

    Fraude met botbreuken

    Of erger nog, in Palermo, waar een omvangrijke bende werd opgerold die fraudeerde met ziektekostenverzekeringen. Daarvoor huurden zij armlastigen in die zij met zware gewichten botbreuken toebrachten. De sloebers zelf incasseerden maar enkele honderden euro’s, maar de controlerende artsen en de schade-experts met wie zij gemene zaak maakten, hielden er tienduizenden aan over. Aan het lucratieve spel kwam een einde toen een van hun slachtoffers, een jonge Marokkaan, al te enthousiast werd bewerkt en de autopsie de gang van zaken aan het licht bracht.

    Nodeloze operaties

    Een van de gearresteerde profs in Milaan had zich tevens gespecialiseerd in het uitvoeren van nodeloze operaties, teneinde zo veel mogelijk te kunnen incasseren. Dat is een praktijk die meer voorkomt en waar ik zelf ook meermalen mee in aanraking ben gekomen.

    Alweer een paar jaar geleden had ik hardnekkige oorpijn. Via een bevriende arts (zo gaat dat meestal) kon ik een afspraak maken met de directeur OKN van een vermaard Romeins ziekenhuis. Die onderzocht mij en kwam al gauw tot de conclusie: ‘Perforatie van het trommelvlies. Hier moet geopereerd worden.’

    Een onprettige aangelegenheid, zo legde hij mij uit: ‘De wachtlijst is lang, een paar maanden, en als u eenmaal wordt opgenomen, kan het nog dagen duren voor de voorbereidende onderzoeken zijn afgerond.’

    Privékliniek

    Maar er was een alternatief: ‘Als u naar mijn privékliniek komt, dan doe ik het meteen zelf, en niet de een of andere assistent, en bent u binnen een halve dag klaar.’ Dat zou wel enige duizenden kosten, maar ‘u als buitenlander hebt toch wel een verzekering die dat dekt?’

    Die had ik, maar helemaal overtuigd was ik toch niet en toen ik een paar dagen later toch naar Nederland ging, maakte ik een afspraak met een OKN-arts in het Groninger Academisch. Diens diagnose was onthullend: geen gat te zien, een simpele ontsteking, wat druppels zijn voldoende!

    Vorig jaar overkwam mij iets vergelijkbaars, toen ik mij met knieklachten vervoegde bij een befaamde particuliere kliniek in Rome, die echter ook de faam geniet van graaimachine. Nou, dat bleek!

    Opereren maar!

    Het intakegesprek was nog niet afgelopen of mij werd al duidelijk gemaakt dat de meniscus eruit moest. Opereren dus. Maar wijs geworden ging ik eerst te rade bij een oudere orthopeed, mij aangeraden door de huisarts. Die liet mij eerst röntgenfoto’s maken en kwam op basis daarvan tot een heel andere conclusie: ‘Beetje artrose, vrij normaal op uw leeftijd. Niet te veel hardlopen, een paar sessies massage en verder vooreerst niets doen. En al helemaal niet opereren, want de meniscus heeft er echt niks mee te maken!’

    Dan heb ik het nog niet over die kennis bij wie de specialist in het ziekenhuis een vermoedelijk kwaadaardig gezwel constateerde. Nader onderzoek was echter pas maanden later mogelijk, ‘tenzij u naar mijn privékliniek komt enzovoorts.’

    Publiek-private gezondheidszorg

    Dit soort praktijken wordt in de hand gewerkt door het gemengde publiek-private karakter van de Italiaanse gezondheidszorg. In principe is iedereen verzekerd, maar wie geld heeft wendt zich tot een particuliere kliniek. Veel ziekenhuisartsen werken daarnaast ook privé en wie dokt kan bij hen rekenen op een voorkeursbehandeling, hetgeen kan leiden tot uitwassen.

    De eerstvolgende keer dat mij een operatie wordt voorgespiegeld zal ik dus zeker een second opinion vragen en mij ervan vergewissen dat de betreffende arts het heil van de patiënt hoger stelt dan zijn Maserati!

Laad meer
Congratulations. You've reached the end of the internet.