in ,

Column: ‘che cazzo’ – wijn proeven op z’n Italiaans

Che cazzo, wijn proeven op z'n Italiaans (foto's: Stef Smulders)

‘Ma… non lo so… è una settimana un po’ particolare, quindi… Maar… ik weet niet… het is een beetje een vreemde week, dus…

De vrouw die ik aan de lijn heb heeft het moeilijk. Niet alleen met mijn verzoek maar ook met het leven in het algemeen. Dit is de derde keer dit jaar dat ik haar bel met de vraag of het mogelijk is dat de gasten van onze B&B langskomen voor een degustazione (proeverij) bij haar wijnbedrijf Ca’ del Santo en iedere keer vindt ze het maar lastig. Ze doet mij denken aan het personage uit Brigitte Kaandorps ‘Zwaar leven’ en ik lach er maar een beetje om.

‘Ah, ma è Ferragosto… Ach, maar het is Ferragosto…’ antwoordde ze de eerste keer. Zwaar zwaar, moeilijk moeilijk.

‘Ma lavoriamo tutto il giorno quindi non potremmo… We werken de hele dag en dus kunnen we onmogelijk…’ Dat was haar antwoord de tweede keer. Moeilijk moeilijk, zwaar zwaar.

De klacht van deze derde keer herken ik als typisch Italiaans. Hoe vaak hoor ik haar landgenoten niet zeuren ‘Ho un giorno micidiale. O, wat een dag heb ik vandaag’ of ‘È una settimana terrificante. Deze week is echt verschrikkelijk’. Het is een algemene zeur die niets betekent, men zeurt om het zeuren, zoals een Nederlander over het weer.

Hoe weinig de bezwaren van de vrouw (die ik later leer kennen als Laura, de eigenaresse van het wijnbedrijf) om het lijf hebben, blijkt als ze haar man raadpleegt. Die vindt het namelijk meteen goed. Geen probleem! Terecht, want van onze vorige bezoekjes weet ik dat ze een prachtige proefzaal hebben en dat haar man een gepassioneerde wijnmaker is die graag over zijn product vertelt.

Waarom zou je geïnteresseerde bezoekers dan afhouden, helemaal wanneer ze ook nog eens voor honderden euro’s aan wijn kopen? Ik snap het nog steeds niet, ook al ben ik een vergelijkbare houding wel vaker tegengekomen.

‘Maar u moet een duidelijker bordje langs de weg zetten dat aangeeft dat hier een B&B zit,’ zeiden we jaren geleden tegen een Italiaanse collega. Telkens als we iemand vertelden dat er zich daar en daar ook een bed en breakfast bevond, was die persoon hogelijk verbaasd. Vaak langsgereden maar nooit opgemerkt. Er stond dan ook alleen maar een gammel houten bordje met de tekst Da Prati. In bruine letters. Een duidelijker aanwijzing zou zeker meer gasten opleveren, dachten wij. Maar nee.

‘Ik heb express niet zo’n overdreven bord neergezet omdat er anders veel te veel mensen komen.’ O. Aha. Onze wankele samenwerking met Da Prati stierf een stille en pijnloze dood.

En nu is er dus weer een prachtig wijnbedrijf waarvan de eigenaresse liever geen bezoekers ontvangt. Gelukkig dat haar man Carlo dat wel wil en als we de proefzaal binnenkomen (het is ons natuurlijk toch weer gelukt in het wijnbastion binnen te dringen) neemt hij trots, borst vooruit, plaats achter de toonbank, voor de brede uitstalling van alle soorten wijn die hij maakt. Een generaal voor zijn heerscharen: een batterij van volle flessen. Bij Ca’ del Santo maakt men veel, heel veel verschillende typen wijn.

‘Wijn maken is niet meer dan een hobby voor mij.’ Carlo’s basstem galmt door de ruime zaal. We kijken elkaar aan. Een hobby? Aardig uit de hand gelopen!

‘Ik ben eigenlijk enologo en bewaak de kwaliteit van de wijn van verscheidene wijnbedrijven hier in de regio. Zelf wijn maken doe ik uit passione,’ vervolgt Carlo.

Passione, ja dat woord kennen we. Het wordt te pas en te onpas door alle Italianen bij elke gelegenheid gebruikt, net als emozione. Daardoor is het een beetje een gemeenplaats geworden. Maar Carlo straalt uit dat hij écht gepassioneerd is.

Deze keer zijn ook Cora en Marco van de partij, de blije, recente bezitters van een tweede huis in de regio. Zij waren net als wij kind aan huis bij de broers Alberto en Massimiliano van wijnmakers Monteguzzo. Toen ze van ons hoorden dat de broers ruzie hadden en dit jaar geen eigen wijn zouden produceren, waren ze zwaar teleurgesteld. Maar nu ze eenmaal bij Ca’ del Santo zijn, klaart hun gemoed zichtbaar op. Het is veel netter en schoner hier en qua verscheidenheid aan wijnsoorten kan het Huis van de Heilige zich zeker met Monteguzzo meten.

Carlo oreert verder over de verschillende druivensoorten en de geschiedenis van het bedrijf (Santo blijkt niet op een heilige te slaan maar is de voornaam van een verre voorouder). Ik werp me op de antipasti die Carlo door een werknemer heeft laten aanrukken. Een mandje met brood en verschillende plankjes met allerlei soorten kaas en worst. Ik zie zowaar bresaola liggen, de duurste vleeswaar die je in de streek kunt vinden. Als Laura daar maar niet achterkomt!

Wijn en antipasti (bron: PagineGialle)

‘Il vino biologico è una truffa,’ hoor ik Carlo opeens roepen. O jee, begint hij nu een tirade tegen de almaar oprukkende trend om biologisch wijn te produceren? Vorige week waren we nog bij een collega wijnboer vlak bij Ca’ del Santo die uitsluitend biologisch werkt…

‘Il mio vino quasi non contiene solfitti,’ beweert Carlo. ’Il vino biologico invece…’

Hoofdpijn na het drinken van wijn wordt door het aanwezige sulfiet veroorzaakt en komt nauwelijks nog voor omdat de kwaliteitsnormen heel streng zijn. Komt het nu weer terug via een biologisch paard van Troje? Ik durf het niet direct te geloven want ik weet dat elke wijnboer hier zijn of haar (er zijn opvallend veel vrouwelijke wijnproducenten in deze streek) eigen theorietjes en trucjes heeft die natuurlijk altijd beter zijn dan die van de buurman/vrouw.

Maar voor de gelegenheid knik ik braaf op het moment dat Carlo’s blik even op mij valt. Als het maar lekker is, dat is mijn devies. En het is lekker. Vooral de Carolo, een rode wijn die van druivenplanten op een eeuwenoude akker wordt gemaakt mag zich in een algemene waardering verheugen. De oh’s en oe’s en ah’s zijn niet van de lucht. En als Carlo de prijs noemt, breekt er nog net geen polonaise uit. Zes euro! Geen geld. De fles is snel leeg.

Opeens werkt Cora zich naar voren en grijpt de fles van de toonbank. Gaat ze hem aan haar mond zetten om de laatste druppel te bemachtigen? Nee. Ze tuurt een tijdje met toegeknepen ogen naar het etiket, zet de fles weer terug, wijst naar het symbool van de haan en vraagt in haar beste Italiaans:

‘Ma è un cazzo?’

Ik kijk haar verbijsterd aan. Carlo doet alsof hij niets gehoord heeft en net voordat ik Cora heb kunnen uitleggen wat ze zojuist gezegd heeft, herhaalt ze, ongeduldig, haar vraag.

‘Perchè c’è un cazzo?’

Op het etiket prijkt de ‘cazzo’ (bron: vivino.com)

Ik buig me naar haar toe en zeg dat haan in het Italiaans gallo is en dat cazzo daarentegen lul betekent. Cora slaat haar handen voor haar gezicht en probeert zich tevergeefs achter de andere aanwezigen te verstoppen.

Italiaans spreken, ook dat is soms moeilijk moeilijk, zwaar zwaar.

Meer leuke verhalen over het leven in Italië lezen? Die vind je in de drie delen ‘Italiaanse Toestanden’ van Stef Smulders, o.a. verkrijgbaar bij bol.com.

Stef Smulders

Geschreven door Stef Smulders

Stef Smulders is een Nederlander die in 2008 met echtgenoot Nico en hond Saar naar Italië emigreerde om daar een B&B te beginnen.
Hij verkocht zijn huis, liet familie en vrienden achter en deed een sprong in het onbekende. In 2014, bijna vijf jaar later, deed hij in het boek ‘Italiaanse Toestanden’ verslag van zijn belevenissen. Over de aankoop van een huis met een wispelturige makelaar, de verbouwing ervan met een eigenwijze aannemer, maar ook leuke en leerzame ontmoetingen met bijzondere Italianen. ‘Italiaanse Toestanden’ is inmiddels het hoogstgewaardeerde Italiëboek op bol.com en is in het Engels en het Spaans vertaald. In 2016 schreef hij het vervolg: Meer Italiaanse Toestanden en in 2017 verscheen deel 3, 'Nóg Meer Italiaanse Toestanden'. In 2019 zal zijn eerste bundel met zeer korte komische verhalen verschijnen, onder de titel ‘Bezoekuur en 100 Andere Zeer Korte Verhalen’.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading…

L'Orfeo

Monteverdi’s L’Orfeo, spectaculair Gesamtkunstwerk van 4 vrouwelijke toppers

Italië in februari

Italië in februari