in

Column: te voet naar Rome – deel 10

Het regent in Italië. Tenminste in het noorden. Maar denk maar niet dat de Italianen daardoor meer binnen blijven. In Aosta was het in de hoofdstraat even druk als normaal. Onder de luifels zaten de terrassen vol en op straat kuierde iedereen onder zijn eigen modieuze paraplu een eindje op. Soms gaf dat grappige taferelen. Zoals twee oude dametjes die druk in gesprek de straat op en neer liepen, ieder met een eigen paraplu boven het hoofd. Maar toen ik donderdag weer op pad moest, was het toch wat minder leuk.

Nog optimistisch deed ik alleen een poncho over m’n kleren heen en ging op weg. Maar wat ik aanvankelijk voor een bui had aangezien, bleek een hardnekkig regenfront dat de hele dag boven m’n hoofd bleef hangen. Om kwart over elf zocht ik mijn heil in een barretje in Saint-Marcel (de plaatsen in het Aosta-dal hebben allemaal Franse namen). De eigenaar keek verbaasd op toen ik daar als een natte kat aan een tafeltje neerstreek. Ik verdween in de wc en kwam er even later afgedroogd en met wat droge kleren weer uit.

Het leek me goed als ik iets warms nam. Zijn vrouw was bezig met de pasta, zei hij en we raakten in gesprek. Hij wilde alles van het hoe en waarom van m’n tocht weten en zoals iedereen wel weet, ben ik daar niet terughoudend over. Even later stond er een klant voor m’n neus die vroeg of hij me ergens mee kon helpen. ‘Nee dank u,’ zei ik verbaasd en toen trok hij zowaar zijn portemonnee en gaf me een tientje voor het Parkinson Fonds. Hij had net het hele verhaal van de eigenaar gehoord en wilde ook iets bijdragen.

LEES OOK:
Column: vendemmia

Onmenselijke prestatie

Opeens stroomde de zaak vol met arbeiders in overall of in andere werkkleren. Ze dronken eerst iets aan de bar en daarna ging iedereen naar een achterzaaltje. Ik werd ook daarheen gedirigeerd. En ik, die aanvankelijk was binnengekomen voor een kop koffie, rolde het zaaltje een half uur later uit na een bord spaghetti, een cotelette, doperwten, omelette en frites en nog een stuk taart verorberd te hebben. Ik had er bovendien ook nog twee glazen wijn bij gedronken, ik was nu wel warm.

Toen ik tegen half twee weg wilde gaan, mocht ik niets afrekenen en kreeg ik van de eigenaar en zijn vrouw nog een tientje voor het Parkinson Fonds mee. Helemaal ontroerd ging ik weer verder. Het gaf me extra kracht om de 30 kilometer te lopen, die voor deze dag op mijn programma stond.

Aan het eind van de middag kwam ik op mijn tandvlees aan in Chatillon. Net toen ik me de hoofdstraat binnensleepte, zwaaide er de deur van een kroeg open en een man riep: ‘Ik heb u vandaag in Sint-Marcel zien lopen, in de regen, waar komt u vandaan?’ In de deuropening stonden drie mannen, ze vroegen me binnen te komen, ik moest gaan zitten, ik kreeg een biertje, naar hun idee had ik een bijna onmenselijke prestatie geleverd.

te voet naar rome 24

Parkinson

Toen ik ook hun weer vertelde over het doel van mijn tocht, riep één van hen: ‘O, maar ik heb een vriend die Parkinson heeft, Elio, die moet u beslist ontmoeten.’ En hij begon driftig te bellen. ‘Hoe laat bent u morgen in Arad? Hij heeft daar een pizzeria.’ Ik wist het bij God niet, ik had nog niet eens een bed voor de nacht, laat staan dat ik een afspraak voor de volgende dag kon maken. Opeens moesten ze alledrie naar huis, maar ik kreeg het adres van Elio. ‘Belooft u me dat u bij hem langs gaat? Hij doet ook van alles tegen Parkinson.’ Ik zou wel zien.

LEES OOK:
Rome best beoordeelde stad voor een stedentrip

Nog nat ging ik bij de eerste de beste pizzeria binnen die kamers verhuurde. De jonge baas bracht me naar boven en liet me een met veel zorg ingerichte kamer zien, voor weinig geld. Ik vroeg tot hoe laat de pizzeria open was en of er daarna nog iemand in het pand was. ‘Mevrouw, kijk hier (en hij wees een deur op de overloop aan) woont mijn moeder. Als er iets is, dan roept u mijn moeder maar. Er kan u hier niets gebeuren want u bent gewoon in famiglia‘ en hij aaide me vriendschappelijk over m’n schouder.

te voet naar rome 30

Elio Bertolin

Twee dagen later passeerde ik de pizzeria van Elio Bertolin, 57 jaar en al twaalf jaar lijdend aan Parkinson. Ik twijfelde, ik kende de hele man niet, hij mij ook niet, wat moest ik er eigenlijk mee. Maar ik dacht wel – ik loop voor de bestrijding van Parkinson en hier woont iemand die het a) heeft en b) ook actief schijnt te zijn in de bestrijding ervan. Ik dronk er een kop koffie en vroeg de serveerster naar Elio Bertolin. Het was haar vader. Nadat ik haar verteld had waarom ik in hem was geïnteresseerd, ging ze meteen naar huis bellen. Hij zou over een half uurtje komen.

LEES OOK:
Reistips Italië 2019: dit zijn dé must-sees dit jaar

Drie kwartier later zat ik tegenover Elio Bertolin. Schuddend en bibberend probeerde hij een gesprek te voeren. O, wat deed me dit weer denken aan Cors lijdensweg, dat niet kunnen stilzitten, die onrust, nauwelijks een gesprek kunnen voeren omdat die onrust hem totaal in zijn greep had. Op de bank, op de grond, overal liggen om het maar kwijt te raken. Even was ik heel blij dat Cor hier in ieder geval van verlost is.

Elio vertelde dat hij een toneelstuk had geschreven over hoe je om kunt gaan met zo’n chronische ziekte. De voorstelling was een groot succes geweest en de opbrengst was ook voor het Parkinson Fonds, dat een kantoor in Milaan heeft. Hij is nu bezig, vertelde hij, een eigen afdeling van het Italiaanse Parkinson Fonds in Aosta op te richten. Ik noteerde alles en kreeg een folder mee van het toneelstuk, wie weet is het iets voor de Parkinson-krant, dacht ik.

Nog lang moest ik aan Elio denken. Door hem was ik weer keihard met de ziekte geconfronteerd en weer extra gemotiveerd naar Rome door te lopen. Wordt vervolgd…

Foto’s: Ineke Spoorenberg

Beoordeel dit artikel

Ineke Spoorenberg

Geschreven door Ineke Spoorenberg

Ineke Spoorenberg is journalist. Ze werkte 21 jaar als redacteur voor het NOS Journaal met als specialisme Italië. Na de dood van haar partner maakte ze in 2010 een voettocht naar Rome, het jaar daarop kwam een boekje over haar tocht uit, getiteld: Ineke loopt naar Rome. In 2012 kwam een einde aan haar carrière bij de NOS. Het jaar daarop lanceerde ze de website Met Ineke In Italië waarop ze schrijft over minder bekende maar zeker zo interessante plaatsen in Italië.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading…

De beste tijd om Italië te bezoeken

Wat is de beste tijd om Italië te bezoeken?

eten in de Abruzzen

Column: eten in de Abruzzen