in , , ,

Column: de vaccinatie

‘Siamo pronti alla morte’

Wachten op de Covid-19-vaccinatie in Italië (foto's: Stef Smulders)

Er ontstaat wat rumoer verderop in de gang en op het moment dat ik opzij kijk, zie ik hoe een man vanuit zijn stoel langzaam vooroverzakt alsof hij de grond wil gaan kussen. Maar hij doet geen lollige pausimitatie, er is duidelijk iets mis.

‘Signore, signore!’ roept zijn buurvrouw en enkele andere aanwezigen snellen te hulp. Ook een paar verpleegkundigen komen uit de priklokalen om te kijken of er urgente medische assistentie nodig is. Maar gelukkig is de man alweer bij kennis. Hij brabbelt wat geruststellends maar wordt door de hulpvaardige omstanders ondanks zijn protest in een liggende positie gedwongen. Even later komt er een lettino, brancard aangerold en voeren een paar witte jassen het ongelukkige slachtoffer af.

En dan begint het gefluister in de gang. Ik kan het niet allemaal volgen, maar het woord Astrazeneca speelt een hoofdrol in de conversatie, dat is duidelijk. De rest kan ik raden want ik zit met dezelfde vraag: was deze man al gevaccineerd en was dat met Astrazeneca? En is hij daarom/daardoor niet lekker geworden?

Wachten in de gang, op het noodlot

Wij, aanstaande gevaccineerden, zitten als een groep tot de elektrische stoel veroordeelden op onze zeteltjes in de gang en kijken elkaar angstig aan. Toch durft niemand op te staan en weg te lopen, want de schaamte voor een dergelijke lafheid is te groot. De angst voor gezichtsverlies is groter dan de angst voor een eventueel spoedig overlijden. Fatalistisch wachten we het noodlot af, als verstokte zondaars in het voorportaal van de hel. Mijn linker buurman zendt mij een meewarige blik en verklaart: ‘Non si scappa.’ Vluchten kan niet meer.

Een week of twee geleden was ik nog blij. Eindelijk kon ik reserveren voor de coronavaccinatie! Ik hield de Corriere della Sera en de provinciale kranten goed in de gaten om meteen toe slaan zodra reserveren mogelijk was. En daar stond het: vanaf donderdag 22 april aanstaande konden de 60-plussers een reservering maken via de website van de regio Lombardije.

Gelukkig wist ik dat deze methode stressvrij en gestroomlijnd verliep want Nico had de procedure als bijna 70-plusser al een week of 2 geleden met succes afgerond en had zijn eerste prik binnen. Pfizer, zei hij toen hij thuiskwam, zichtbaar gerustgesteld. Over wat de 60-plussers gingen krijgen, Pfizer, Moderna, misschien Janssen of toch, o nee, Astrazeneca, zongen al dagen tal van verschillende, geheel waardevrije berichten rond.

Ongeduldig bezocht ik een paar keer per dag de website van de regio, maar werd niets wijzer. Dat de 60-plussers vanaf de 22e konden reserveren stond nog niet aangegeven en ook niet vanaf hoe laat dat zou kunnen. Twee dagen voor de 22e berichtte de Corriere echter dat het vanaf middernacht zou kunnen. Middernacht? dacht ik. Wat is dat nou voor begintijd? Waarom niet gewoon vanaf 8 uur ’s ochtends zoals bij de eerdere campagnes?

En was het de middernacht van de 21e op de 22e of die van de 22e op de 23e? En als het het laatste was (zoals het naderhand bleek te zijn), dan was de startdatum feitelijk toch vrijdag de 23e (0:00 uur) en niet donderdag de 22e? Hoeveel verwarring kun je creëren over zoiets eenvoudigs?

Op de 22e keek ik een paar keer voor de zekerheid op de website en om 21:30 verscheen opeens de gehoopte aankondiging. Het kon nu al! Snel snel, huppekee, nummer tessera sanitaria en codice fiscale ingevuld en daar was al een lijst met data om uit te kiezen. Hoera, ik kon op 10 mei, dat viel niet tegen. Ik lichtte ook meteen Roberto’s echtgenote Antonica in want die is van hetzelfde bouwjaar als ik en wilde graag samen met mij gaan.

Huppekee, snel online een afspraak maken voor de vaccinatie


Een paar dagen later kreeg ik een appje van Roberto, die 2 jaar jonger is dan zijn vrouw.
‘Ho prenotato per il vaccino. Ik heb gereserveerd voor de vaccinatie.’
Hè? Maar hij was toch helemaal niet aan de beurt? Ik was lichtelijk verontwaardigd.
‘Hoezo dan?’ vroeg ik hem.
‘Gewoon geprobeerd en het lukte.’
De schurk! Hij had gedaan wat ik eigenlijk ook stiekem had overwogen maar niet gedurfd had.

‘En wanneer kun je?’
‘3 mei.’
‘Wàt?’
Wel potverdepotver. Reserveren terwijl je niet aan de beurt bent, dagen nadat ik gereserveerd heb en dan ook nog eens een week eerder aan de beurt? Ik voelde me niet geprikt maar wel genaaid. Mijn enige wraak bestond eruit dat ik hem telkens zei dat hij vast Astrazeneca ging krijgen.

‘Hou op,’ was zijn antwoord, ‘mijn dochter vraagt me dat 100 keer per dag, of ik het al weet.’
Op de 3e mei wist hij het nog niet.
‘En wat ga je doen als het Astra is?’ vroeg ik met een vileine glimlach toen ik hem vlak voor zijn vertrek naar het vaccinatiecentrum tegenkwam.
‘Ancora non lo so. Ik weet het nog niet.’

Een uur later kreeg ik een appje:
‘Astrazeneca. Ik heb ’m genomen hoewel veel anderen zonder prik zijn vertrokken.’
‘Ik wist het. Astrazeneca geven ze expres aan diegenen die zijn voorgedrongen, haha.’
‘Vai a cagare.

En vanochtend was het dan de beurt aan Antonica en mij. Ik negeerde het in de bevestiging van onze afspraak vermelde adres en ging ervan uit dat de bewegwijzering ons zonder problemen naar het ziekenhuis zou leiden. Dat bleek te kloppen, alleen kwamen we bij de noordelijke ingang terwijl we bij de zuidelijke moesten zijn. Een lange speurtocht over het enorme onoverzichtelijke, met talloze paviljoens bebouwde terrein werd ons deel.

Partytent met zitjes: Centro Vaccinazione Covid

Even dachten we ons doel te hebben bereikt toen we bij een partytent met zitjes aankwamen die warempel was aangekondigd als het Centro Vaccinazione Covid. Er zat echter niemand te wachten om geprikt te worden. Was dit de post voor Astrazeneca en werd deze gemeden als de pest? Een verpleegkundige trad ons tegemoet. Nee, hier moesten we niet zijn. Dit punt was voor tweede vaccinaties. Kennelijk was daar (nog) geen behoefte aan? Of hadden alle kandidaten de eerste prik niet overleefd?

Is hier het feestje?

Uiteindelijk kwamen we waar we wezen moesten. Mijn tessera sanitaria, waarvan ik het nummer toch bij het maken van de afspraak had moeten doorgeven, was inmiddels al 5 keer gescand door evenzovele functionarissen. Het Pentagon kwam je sneller binnen. Eerst belandden Antonica en ik in een wachtzaaltje dat zo te zien in normale tijden duidelijk als leslokaal dienstdeed.

Alle te vaccineren 60-plussers zaten als onvolwassen leerlingen in te krappe bankjes met opklapbare bureaubladen. Vooraan dirigeerde een strenge juffrouw nieuwelingen naar hun plek. De hele tijd gonsde de angstvallige vraag door de zenuwachtige gelederen: 
‘Krijgen we Pfizer? Of is het Astrazeneca?’

Bij het uitspreken van het heilige woord Pfizer ging daarbij de toon steeds hoopvol omhoog, om meteen daarna desastreus neer te storten bij de gevreesde naam Astrazeneca. Niemand wilde de tromboseprik, maar er viel niets te kiezen, begrepen we. Tot Astra waren we veroordeeld en zouden we veroordeeld blijven. Vooruit dan maar, voor God en vaderland, of ‘Siamo pronti alla morte‘ zoals het Italiaanse volkslied naar mijn smaak iets te stellig beweert.

We schuiven langzaam op en komen uiteindelijk op de gang bij de priklokalen terecht waar na de eerdere opschudding een doodse stilte is ingetreden. Hoe zou het met de weggevoerde man zijn?

Prossimo!’ klinkt het opeens luid. Ik ben aan de beurt en met weigerachtige knieën betreed ik de plek des onheils.

Geschreven door Stef Smulders

Stef Smulders is een Nederlander die in 2008 met echtgenoot Nico en hond Saar naar Italië emigreerde om daar een B&B te beginnen.
Hij verkocht zijn huis, liet familie en vrienden achter en deed een sprong in het onbekende. In 2014, bijna vijf jaar later, deed hij in het boek ‘Italiaanse Toestanden’ verslag van zijn belevenissen. Over de aankoop van een huis met een wispelturige makelaar, de verbouwing ervan met een eigenwijze aannemer, maar ook leuke en leerzame ontmoetingen met bijzondere Italianen. ‘Italiaanse Toestanden’ is inmiddels het hoogstgewaardeerde Italiëboek op bol.com en is in het Engels en het Spaans vertaald. In 2016 schreef hij het vervolg: Meer Italiaanse Toestanden en in 2017 verscheen deel 3, 'Nóg Meer Italiaanse Toestanden'. In 2019 zal zijn eerste bundel met zeer korte komische verhalen verschijnen, onder de titel ‘Bezoekuur en 100 Andere Zeer Korte Verhalen’.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading…

witte auto die door de Dolomieten rijdt

Zo bereid je je voor op een autovakantie naar Italië

beste pasta uit Italië

Waarom Italiaanse pasta de beste pasta is