in , , ,

Column: eindelijk, Italianen! Of niet?

Villa i due padroni
Italianen... komen ze of komen ze niet? (foto: Stef Smulders)

Sinds we in 2009 de deuren van onze Villa I Due Padroni openden, ontvingen we bijna uitsluitend Nederlandse en Vlaamse gasten. Er kwam weleens een verdwaalde Duitser of Engelsman of zelfs Amerikaan, maar 95% van onze klanten is toch echt Nederlandstalig.

Ook Italianen zijn opvallend dun gezaaid in ons gastenboek. Voor een weekendje krijgen we weleens een aanvraag, als er een feestdag is of een ponte (een weekend en een dag voorafgaand of erna nog een feestdag), maar meestal past dat niet. Alleen met oud en nieuw hebben we verschillende malen Italianen gehad, vriendengroepen die graag buiten de deur de jaarovergang willen vieren met eten, drinken, spelletjes en gezang. 

Dat ging jaren prima, met een steeds terugkerende groep eind-twintigers die ons geen overlast bezorgden. Daarna hadden we twee jaar achterelkaar jeugdiger groepen, waarvan er een het nodig vond de muren van het appartement met spuitende spumante te besproeien (onze mooie fotoprints waren druipkaarsen geworden, schade 150 euro, ingehouden op de borg) en de andere al het afval in vuilniszakken op het terras achterliet, plus een woud aan lege flessen in de keuken en een enorme smeerboel op het aanrecht.  Na urenlang te hebben puingeruimd was de conclusie duidelijk: geen Italiaanse jongeren meer met oudjaar (of welk feest dan ook).

Maar nu opeens: bling! Een sms’je van Airbnb (ook een zeldzaamheid): u heeft een aanvraag voor een week verblijf in juli van [Italiaanse naam] uit Milaan. Nou, daar zeggen we geen nee tegen, want door de coronacrisis is het zeer de vraag of we dit jaar überhaupt gasten van buiten Italië kunnen ontvangen. De eerste annuleringen zijn al binnen en het aantal bezoekers aan onze mooie, vernieuwde website (www.duepadroni.it) is minimaal. Binnenlandse aanvoer is dus zeer welkom.

Het blijken twee families met kinderen die al maanden in hun appartementen in de metropool Milaan opgehokt zitten en dan toch op zijn minst deze zomer een weekje naar buiten willen. Een korte, risico- en mondkapjesloze vakantie. Heel begrijpelijk! We laten weten dat de week die zij hebben geselecteerd nog beschikbaar is. Daarop krijg ik een direct appje, buiten Airbnb om, van de aanvrager. Of hij mag bellen. Dat mag uiteraard.

’Ja, we willen graag weten of het zwembad privé is, in verband met het coronarisico.’
’Nou, nee, als er een aanvraag komt voor het tweede appartement dan nemen we die aan en dan zijn er mogelijk meer zwembadgebruikers.’
’O.’
’Maar jullie kunnen natuurlijk ook beide appartementen huren. En als jullie dat rechtstreeks bij ons doen in plaats van via Airbnb, krijg je een leuke korting.’
’Okay.’
Na wat ruggespraak en over en weer ge-app komen we tot een akkoord. Joepie! Toch nog een boeking, beide appartementen voor week verhuurd. Een meevaller!

Nog een appje van de aanvrager:
’En hoe gaat het met de betaling?’
Ik laat weten dat we een anticipo, aanbetaling van 20% op onze rekening verwachten.
’Okay, maar wat als we door een eventueel decreet toch niet mogen reizen?’
’Dan storten we de aanbetaling uiteraard terug, wegens overmacht.’
Dat wil hij graag zwart op wit via een e-mailtje. Prima, tikkerdetik, verzend en klaar.
’Wat is de IBAN van jullie rekening?’
Dat staat allemaal op de website, maar goed, ik ben de kwaadste niet, dus tikkerdetik, verzend en klaar.
’Mag ik een contractnummer voor de causale?’
De causale is de reden van de betaling die je bij een overschrijving kan vermelden, zoals een factuur- of ordernummer. Doen wij natuurlijk niet aan.
’We zijn een simpele B&B, zonder verhuurcontracten. Vermeld gewoon de verblijfdata, dat volstaat.’ Tikkerdetik, verzend en klaar.

Stilte.

Na een dag controleer ik onze bankrekening: geen anticipo.
Volgende dag: niks.
Dag later: nog steeds niks.
Ik stuur een mailtje.
Stilte.
Ik stuur een appje.
Geen antwoord.
Ik check de bankrekening: saldo ongewijzigd.
Ik wacht een paar dagen.

Mijn bloed begint te borrelen tot mijn ongeduld het wint van mijn zelfbeheersing.
’Maar willen jullie nu reserveren of niet?’
De Hollandse directheid heeft effect: meteen antwoord.
’Ja, nee, sorry, jullie waren gentilissimi, maar we staan nog in dubio over wat we willen gaan doen…’
Stoom ontsnapt uit mijn oren.

Ze zijn nog indecisi, een oer-Italiaanse gemoedstoestand waarover ik in mijn Italiaanse alfabet (in mijn derde boek, Nog Meer Italiaanse Toestanden) al een stukje wijdde. Zo bang zijn om een vergissing te begaan, een teleurstelling te moeten incasseren dat je liever niets doet en passief afwacht…

Ik lucht mijn hart bij een Nederlandse collega bij ons in de streek.
’Ja, mateloos irritant! Precies dezelfde ervaring!’
Moeten we nu teleurgesteld zijn of opgelucht?
Siamo indecisi.

🇮🇹Leestip: Meer leuke verhalen over het leven in Italië lezen? Die vind je in de drie delen ‘Italiaanse Toestanden’ van Stef Smulders, o.a. verkrijgbaar bij bol.com.

Stef Smulders

Geschreven door Stef Smulders

Stef Smulders is een Nederlander die in 2008 met echtgenoot Nico en hond Saar naar Italië emigreerde om daar een B&B te beginnen.
Hij verkocht zijn huis, liet familie en vrienden achter en deed een sprong in het onbekende. In 2014, bijna vijf jaar later, deed hij in het boek ‘Italiaanse Toestanden’ verslag van zijn belevenissen. Over de aankoop van een huis met een wispelturige makelaar, de verbouwing ervan met een eigenwijze aannemer, maar ook leuke en leerzame ontmoetingen met bijzondere Italianen. ‘Italiaanse Toestanden’ is inmiddels het hoogstgewaardeerde Italiëboek op bol.com en is in het Engels en het Spaans vertaald. In 2016 schreef hij het vervolg: Meer Italiaanse Toestanden en in 2017 verscheen deel 3, 'Nóg Meer Italiaanse Toestanden'. In 2019 zal zijn eerste bundel met zeer korte komische verhalen verschijnen, onder de titel ‘Bezoekuur en 100 Andere Zeer Korte Verhalen’.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading…

Met de bus naar Italië

Met de bus naar Italië

Lago di Barcis

De 14 mooiste plekken in Friuli-Venezia Giulia