in , ,

Prato maakt wol zonder schapen

Uitgegroeid tot wereldhoofdstad van de textielrecycling

Textielrecycling in Prato
Textielrecycling in Prato (foto's: Aart Heering)

De hoofdpersoon van The Merchant of Prato, de bestseller van historica Iris Origo uit 1957 (Nederlandse vertaling De Koopman van Prato, 1985), Francesco Datini, is een 14e-eeuwse handelaar die rijk werd door de verkoop van Spaanse wol aan plaatselijke kledingfabrikanten.

Meer dan 6 eeuwen later is de 200.000 inwoners tellende Toscaanse stad nog steeds hét textielcentrum van Italië, met name voor de vervaardiging en verwerking van wol, met circa 7.000 bedrijven en 40.000 werknemers, onder wie meer dan 10.000 Chinezen die zich in de afgelopen jaren massaal in de lokale economie hebben genesteld. Het bijzondere daarvan is dat ze in Prato op grote schaal gebruik maken van gerecyclede materialen.

Hergebruik is nu hip

‘Wij maken hier wol zonder schapen,’ zegt Fabrizio Tesi, directeur van Comistra, een van de Pratese textielbedrijven die zich geheel heeft toegelegd op hergebruik, en dat al heel lang. ‘Eigenlijk doen wij in Prato al sinds 1845 aan recycling, maar in het verleden verdoezelden we dat liever, omdat de consument nu eenmaal liever iets gloednieuws heeft dan een stof die al eerder is gebruikt. Maar daar komt nu verandering is. De nadruk komt steeds meer te liggen op duurzaamheid. Sostenibilità is in weinige jaren een kernwoord geworden. Voor Prato betekent dit dat door ons geproduceerde kledingstukken met duurzaamheidsgarantie niet meer als minderwaardig worden beschouwd, maar als ecologisch verantwoord en zelfs een beetje sjiek.’

Inzameling van oude kleren

De grondstof wordt geleverd door oude kleren en vodden die in de hele wereld worden ingezameld door organisaties als het Rode Kruis en Caritas en vervolgens ingekocht voor 45 cent de kilo. Daarnaast verwerkt men in Prato ook afvalproducten van textielbedrijven, die anders vernietigd zouden worden. Zo ligt er in de loods van Comistra een hoop camelkleurige afgesneden stukken kasjmier, afkomstig van luxe modebedrijf Max Mara. ‘Om dit te verbranden kost 23 cent de kilo – zegt Tesi –, terwijl het bij ons na verwerking 7 euro waard wordt. Maar minstens zo belangrijk is dat hierdoor in Prato werk geschapen wordt en er geen nieuwe wol in het buitenland ingekocht hoeft te worden.’

Een fascinerend proces

Zo gezegd lijkt het heel eenvoudig, maar om nieuwe wol te maken van oude is een nog een heel proces waar veel werk en gespecialiseerde machinerie aan te pas komt. Het begint met het selecteren van de aangeleverde kledingstukken, die lang niet allemaal bruikbaar zijn. Stretchbroeken met bij voorbeeld niet, omdat de kunststof bij de verwerking zou smelten. Hetzelfde geldt voor nylon garens, die met de schaar verwijderd moeten worden, net als knopen en ritsen. Het bruikbare materiaal komt vervolgens in een enorme loods op hopen te liggen van ongeveer dezelfde kleur. Een analyse in het kleurenlab bepaalt vervolgens welke kleur de nieuwe wol gaat krijgen.

Oude wol wordt nieuwe wol

De wol wordt dan eerst gecarboniseerd om alle plantaardige resten te elimineren en komt daarna terecht in een unieke machine, de lavastracci (voddenwasser). In een heftig klotsende stroom met een soort schoepenrad worden de weefsels uiteen getrokken en gereinigd. Na een passage in een heteluchtdrogerij is het product dan klaar om – uitbesteed aan andere gespecialiseerde bedrijven in Prato – te worden gekaard en gesponnen.

Het is een fascinerend proces, dat cameraman Angelo van Schaik en ik onlangs op video hebben gezet, in de aanloop van een (virtuele) handelsmissie naar Italië van de Nederlandse modesector met minister Kaag van Buitenlandse Handel.

Prato noemt zich met recht wereldhoofdstad van de textielrecycling. 15 procent van alle hergebruikte textiel op de wereld is afkomstig uit deze 200.000 inwoners tellende stad vlak ten noorden van Florence. Een probleem is echter dat van alle geproduceerde textiel maar één procent wordt hergebruikt.

De rest wordt weggesmeten, met als gevolg wereldwijd toenemende afvalproblemen, roofbouw op grondstoffen, waterschaarste, uitbuiting. Dat proces moet worden gestuit, zo veel is wel duidelijk, maar hoe? Daarin kan Prato een voorbeeld zijn.

Tip: ben je in Prato? Ga dan eens naar het textielmuseum met stoffen, kleding en weefkunst uit de hele wereld, van de klassieke Oudheid tot heden: www.museodeltessuto.it (let op de openingstijden in verband met COVID-19).

Aart Heering

Geschreven door Aart Heering

Aart Heering, historicus en journalist. Woont 30 jaar in Italië en werkt momenteel voor de Nederlandse ambassade in Rome.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading…

doeltaal = voertaal Italiaans

Help! De juf praat Italiaans!

Italiaanse krant op tafel met koffie en croissant

5 redenen waarom Italiaanse kranten zo moeilijk leesbaar zijn