Het is de laatste week van februari als we de eerste zonnige dag van dit jaar op Sardinië mogen beleven. Dat is niet overdreven: in januari is het eiland geteisterd door de hevigste regenval in 65 jaar, aldus La Nuova Sardegna. En ook de eerste 3 weken van februari waren bijzonder winderig en nat.
De schade aan de agricoltura (landbouw) is groot. De campi (velden) zijn ondergelopen, waardoor oogsten mislukken en de boeren in deze cruciale periode niet kunnen zaaien. In de krant staat een foto van een boomgaard waar een groot deel van de sinaasappels op de grond terecht is gekomen.
Ook in onze eigen omgeving zien we de sporen van het noodweer. In de weg langs ons huis zijn nog meer gaten gevallen dan er al waren, in de berm is een beekje ontstaan en verschillende aarden wallen zijn gedeeltelijk weggespoeld. Ons huis heeft gelukkig geen storm- of waterschade en in de tuin zijn alleen 2 hoezen gescheurd.

Acqua potabile?
Naast te veel water kun je op Sardinië ook te weinig (drink)water hebben. Omdat wij in collina (in de heuvels) en niet in het dorp zitten, hebben wij een eigen put. Dat is volgens bekenden uit de stad een zegen.
Zij hebben regelmatig te maken met interruzioni (onderbrekingen): er komt een tijdje geen water uit de kraan of je moet het water voor gebruik koken. Op de keukenkraan hebben ze een osmosefilter om verontreinigingen uit het water te halen.
Tip voor toeristen: vraag altijd na of het kraanwater op je vakantie-adres wel potabile (drinkbaar) is, ook elders in Italië. Ook bij de wastafels bij de toiletten op vliegvelden is dit niet altijd het geval.
Om altijd voldoende drinkwater achter de hand te hebben, hebben onze vrienden Elena en Matteo inmiddels een serbatoio (vat) met een inhoud van 1.000 liter aangeschaft. Afgelopen najaar meldde de krant dat een naburige gemeente hiervoor subsidie ging verstrekken aan inwoners met een laag inkomen.
Toen het in de zomer van 2024 dágen duurde voordat een waterleidingbreuk hersteld was, lieten veehouders in de omgeving tankauto’s met water komen. Je ziet regelmatig van deze ‘watervrachtwagens’ rijden. Het laat wel zien hoe ‘normaal’ deze problemen zijn, tot grote ergernis van de Sardijnen.
Het is dus een voordeel om niet afhankelijk te zijn van het lokale waterleidingsysteem. Daarnaast besparen we met ons eigen water ongelofelijk veel plastic, omdat we geen water uit de supermarkt nodig hebben.
Maar niet al het water uit een put is automatisch drinkbaar en het smaakt ook niet altijd lekker. Eerst testen dus. Dat kun je bij een laboratorium laten doen, maar er zijn via internet ook zelftests te vinden die goed aangeschreven staan en die van alles meten, van chemische verontreiniging tot micro-organismen.
Ons putwater gaf goede testresultaten, maar het smaakte niet erg lekker. Daarom heeft mijn man een zesvoudig filtersysteem aangelegd in het keukenkastje onder de gootsteen. Zodoende hebben wij nu in de keuken 2 kraantjes: een voor water dat we drinken en een voor water dat we gebruiken voor het koken en de afwas.

Kapotte schakelaar
Toch zitten we afgelopen december ineens zonder water: er komt nog een klein straaltje uit de kraan en dan houdt het op. Terwijl mijn man op onderzoek uitgaat, duik ik in het keukenkastje voor een paar laatste liters flessenwater.
Wat blijkt: onze cisterna (waterreservoir) is vrijwel leeg. De pomp die het water van de put naar deze wateropslag pompt, doet het niet. Dat wordt nog wat: we zijn met zijn vieren en de kerstdagen – en dus beperkt geopende winkels – staan voor de deur.
Ook de openbare put langs de weg naar het dorp, waar voorbijgangers vaak water kwamen tappen, staat al een tijdje droog. Als mijn man de pomp handmatig activeert, blijkt de dompelschakelaar de boosdoener: als het reservoir bijna leeg is, wordt er geen signaal gestuurd naar de pomp in de put om de boel aan te vullen.
We kunnen deze vakantie dus goed doorkomen door de pomp handmatig te starten (en op tijd weer te stoppen!). De volgende keer kijken we wel weer verder.
Na regen komt zonneschijn
Bij ons bezoek van eind februari nemen we een nieuwe dompelschakelaar mee. Gecombineerd met een onderdeel van het oude exemplaar krijgt mijn man de boel weer aan de praat. Tijd om van de voorjaarszon te gaan genieten.
We rijden naar Isola Rossa aan de noordkust van Sardinië. In een dorpje onderweg zijn wij de eerste buitenlanders op een vrijwel leeg terras. Straks gaat het toeristenseizoen hier weer beginnen.

‘Siamo molto contenti’ (‘We zijn heel blij’) zegt de eigenaresse opgewekt. Dat geldt ook voor ons. Het haventje van Isola Rossa en het gelijknamige eilandje voor de kust liggen er prachtig bij. Een kleine zilverreiger neemt bezit van een bootje.
In de omgeving staan de velden vol met mimosa en in onze tuin staan de rozemarijn en de amandelboom in bloei. Respira… la primavera è cominciata (Adem… de lente is begonnen)!



Comments