in ,

Column: te voet naar Rome – deel 13

Ineke in Piacenza

De hotels in Piacenza zijn wat duurder dan ik gewend ben. De mevrouw van het Bureau voor Toerisme zegt dat dat komt doordat Piacenza een belangrijk economisch knooppunt is tussen Noord- en Zuid-Italië. Het is ook een van de belangrijkste halteplaatsen op de Via Francigena en ook stoppen er veel toeristen een nachtje op weg naar het zuiden of naar de kust. Behalve pelgrims, zakenmannetjes en toeristen zijn er ook veel buitenlanders op zoek naar een beter leven, zo valt mij op.

In de receptie van mijn hotel zit Martha, een meisje uit Letland dat vastbesloten is haar toekomst in Italië op te bouwen. Ze vertelt me dat ze in Tallinn aan de universiteit voedingsleer studeerde en vorig jaar zomer een maandje vakantiewerk deed in Italie. Ze werd, heel klassiek, verliefd op een jongen uit Piacenza. Toen het een serieuze relatie bleek te worden, nam dit pittige meisje een paar belangrijke beslissingen. Hoewel haar Italiaans aanvankelijk nog minimaal was, schreef ze zich toch in aan de universiteit van Piacenza voor dezelfde studie als die ze in Tallinn volgde. Ze vond een baantje in dit hotel en ze huurde een kamer in een klooster. Ze maakt op mij een voortvarende indruk, die redt het hier wel.

Russisch

Als ik ‘s morgens beneden kom, vind ik Martha druk in gesprek, in het Russisch, met een blonde vrouw die de kamers in het hotel schoonmaakt. Deze vrouw is aanmerkelijk minder positief. Ze is ook ouder en aan alles is te merken dat alleen de armoede haar naar het buitenland heeft gedreven. Ze komt uit Oekraïne en het enige woord dat ik begrijp in de opgewonden discussie tussen de vrouwen is de naam ‘Timoshenko’ (de politica met de vlecht). Maar als we later in gesprek raken, blijkt ze erg bitter, en boos op alle politici, Ze gelooft niet dat het ooit nog beter wordt in haar land. Ze doet nu in Italië schoonmaakwerk maar kan er eigenlijk nauwelijks van leven. Ik hoor haar voortdurend bellen over rekeningen, ik heb het erg met haar te doen.

LEES OOK:
Column: Rome, stad van het vuilnis

Illegale Afrikanen

Nog veel erger vergaat het de Afrikanen die ik hier in groten getale in de stad aantref. Ze hangen de hele dag in een park rond zonder werk of zonder enige vooruitzichten. Volgens de Italianen die ik spreek zijn ze allemaal illegaal en kunnen ze alleen overleven door diefstal of door hulp van, meestal, religieuze organisaties.

te voet naar rome 38

Op een middag zit ik op een terras als er een jonge Afrikaan komt bedelen. Ik vraag hem waar hij vandaan komt. ‘Soedan,’ antwoordt hij. Ik zeg dat het geen oplossing is om te gaan bedelen, dat hij moet proberen ergens werk te krijgen. ‘Er is geen werk,’ zegt hij dan. Ik denk dat hij gelijk heeft, want ik lees in de krant dat de werkloosheid hier al tot tien procent is opgelopen en dat maar liefst dertig procent van de jongeren werkloos is. Ik raad hem aan in de richting van Ferrara en Bologna werk te gaan zoeken. Ik weet dat daar honderden kilometers land vol staat met tomaten en allerlei andere groenten, misschien dat ze daar mensen nodig hebben die op het land kunnen werken.

Vakantie

Ondertussen vind ik dat ik eraan toe ben een kleine ‘vakantie’ te nemen. Ik heb wat blaren op m’n voeten, kramp in m’n benen en m’n rugzak hangt als een molensteen aan m’n schouders. Het wordt tijd gebruik te maken van de uitnodiging van mijn vrienden in Monteisola, een eiland in het Iseomeer, om even drie dagen bij hen in het hotel te komen uitrusten. Vriend Peter de Boer die daar ook samen met zijn vrouw Marga woont, komt me in Piacenza ophalen en zal me na drie dagen ook weer terugbrengen zodat ik woensdag uitgerust en wel aan mijn laatste vijf, zes weken kan beginnen.

LEES OOK:
Prè di Ledro: het dorp zonder zon

Mijn Italiaanse vrienden daar hebben een hotel aan het water. Ik heb een kamer met uitzicht over het meer, ‘s Nachts hoor ik het water kabbelen en als ik weer eens niet kan slapen, hang ik uit het raam en kijk ik naar het rustgevende en wonderschone uitzicht. Ik blijf drie dagen, dat betekent drie dagen op m’n gemak ontbijten, door de dames Antonia en Wilma vreselijk verwend worden, verse vis eten die door Sandro zelf is gevangen, ‘s avonds borrelen en praten met Silvano, Nicola en nog tal van eilandbewoners die hier langskomen.

te voet naar rome 37

En even niet lopen. De hele zondag laat ik me lekker door Peter en Marga over het meer rondvaren. Zorgeloze dagen tot de één na laatste avond. Terwijl ik met een paar mensen een wijntje zit te drinken, lopen Antonia en Wilma zenuwachtig rond. Het is over twaalven, in het restaurant zit niemand meer, waarom komen ze er niet gezellig bij zitten?

Overspannen arts

Er blijkt een gast in het hotel te zitten die zwaar overspannen is. Het is een Italiaanse arts die vrij bekend is, vertelt Antonia. Hij heeft wat boeken op zijn naam staan. Maar nu is hij helemaal doorgedraaid en wil hij midden in de nacht gaan vissen om rust te vinden. De man heeft een halfjaar geleden een kind geopereerd dat tijdens die operatie is overleden. Of hij een fout gemaakt heeft, dat vertelt de historie niet. Maar hij kan dat niet uit zijn hoofd zetten. Tegen Antonia heeft hij gezegd dat hij steeds de ogen van de moeder voor zich ziet op het moment dat hij haar het verschrikkelijke nieuws moest vertellen.

LEES OOK:
Column: te voet naar Rome - deel 4

En nu wil hij dus bij de steiger gaan vissen. Hij heeft z’n hele uitrusting er al heengesleept. Wij gaan ook allemaal naar de steiger want de man kan maar beter niet alleen gelaten worden. Het is een enorm gehannes daar bij die steiger, er breken twee hengels en hij vangt een stuk of wat piepkleine visjes. Vlak na enen barst er een hevig onweer los, waardoor we allemaal naar binnen vluchten.

Zo heeft ieder zijn eigen strijd. Soms zijn dingen onomkeerbaar en moet je ze gewoon accepteren. Dat is niet altijd gemakkelijk. Deze man zit er blijkbaar nog midden in. Het is een van de vele voorbeelden van personen of situaties die ik op mijn reis tegenkom en die mij weer aan het denken zetten over mijn eigen leven. En dat moet ook. Daarom zal ik ook blij zijn als ik morgen weer alleen ben. Wordt vervolgd…

Column: te voet naar Rome – deel 13
5 (1 stemmen)

Ineke Spoorenberg

Geschreven door Ineke Spoorenberg

Ineke Spoorenberg is journalist. Ze werkte 21 jaar als redacteur voor het NOS Journaal met als specialisme Italië. Na de dood van haar partner maakte ze in 2010 een voettocht naar Rome, het jaar daarop kwam een boekje over haar tocht uit, getiteld: Ineke loopt naar Rome. In 2012 kwam een einde aan haar carrière bij de NOS. Het jaar daarop lanceerde ze de website Met Ineke In Italië waarop ze schrijft over minder bekende maar zeker zo interessante plaatsen in Italië.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading…

Een eigen rustico in Italië

Column: ook ik heb die droom!

Protestactie voor behoud Italiaanse zender Rai Uno

Protestactie voor behoud Italiaanse zender Rai Uno