in ,

Column: rollend Italië door

Over bijscholing, blond zijn en bizarre fietsroutes

Waar je in Nederland naast ongeveer elke weg een fietspad, of in ieder geval een stukje voor voetgangers of fietsers hebt, was er in Italië ongeveer één fietspad in het hele land. En als echte Hollander hecht ik toch veel waarde aan niet alleen mijn fiets maar ook mijn eigen veiligheid. Het Prins Claus-plein bij Den Haag? Zouden ze op de fiets doen. De ring van Groningen of Utrecht? Pakken we het fietsje voor. Net als in de auto, zijn Italianen áls ze fietsen net zo agressief en gaan ze rollend inclusief tientallen verschillende gebaren het landje door. 

Blond en berucht

Mijn Italiaanse leventje ging van een leien dakkie en binnen een mum van tijd was ik gewend om elke ochtend espresso’s te drinken op het terras, te worden begroet door het halve dorp wanneer ik bijna als een bezienswaardigheid langsfietste, en al helemaal gewend aan mensen die ineens mijn haar aanraakten omdat het blond was.

Ik dacht zelf dat die fascinatie voor blonde, blanke mensen met lichte ogen niet meer van deze tijd was, maar dat was helemaal fout. Ik woonde een halfjaar in een heel klein dorpje vlak voor Verona met nog geen 1.000 mensen die volgens mij nog nooit iemand zonder donker haar hadden gezien en dat was me wat. Ik heb een Nederlander nog nooit aan iemands haar zien voelen als het een andere kleur heeft dan blond, maar misschien ligt dat aan mij.

LEES OOK:  Column: natte haren, het Italiaanse 'living on the edge'

Een kind kan de was doen

Over het leven als au pair hoor je vaak sprookjesachtige verhalen. Over enorme paleizen, de meest luxe leventjes en ga zo maar door. Het enorme paleis was er bij mij een beetje ingeschoten en het leven was ook zo luxe ook niet. Maar, heel cliché, had ik wel de leukste familie die ik me had kunnen wensen.

Met een broertje en zusje die typisch Italiaans opgevoed werden en alles kregen wat hun hartje begeerde kon ik het leven wel aan en vloog ik van speeltuin naar speeltuin en van zwembad naar voetbalveld.

Ik kreeg ‘pasta-les’ bij oma en werd elke week overhoord welke soort wat was, hoe het gemaakt werd en leerde het ook zelf te maken. Pasta met ribbeltjes, pasta met gaatjes, spaghetti dik en dun, tagliatelle breed en smal en ga zo maar door.

Anna, die tijdens mijn verblijf in Italië negen werd, kon dit allemaal met haar ogen dicht. Ikzelf, geen ster in de keuken, kwam tot toen niet verder dan gebakken eieren of tosti’s wat vaak zorgde voor een luidkeels blèrende oma: ‘No Marty, è troppo secco!!’ Te droog, dus. Dan breekt de pasta in allemaal kleine stukjes waar je uiteindelijk niks mee kan.

LEES OOK:  10 fouten die naar Italië verhuisde buitenlanders maken

Op pad met oma

Niet alleen moest de pasta gemaakt worden, maar ook gegeten, en ork, ork, ork pasta eet je niet met een lepel. Spaghetti ook niet en waar ik niet alleen onhandig ben in het bereiden ervan, ging het eten me ook niet altijd even soepeltjes af. Knoeien is sowieso een nummer één talent op mijn cv en de vlekken van tomatensaus of rode pesto die permanent in mijn t-shirts staan zijn niet meer op één hand te tellen.

Op een gegeven moment hadden mijn ‘pasta-skills’ zich toch tot een bepaald niveau ontwikkeld. Ik mocht met oma mee naar Mantua (Mantova), wat trouwens een aanrader is, mocht je ooit nog eens ‘on-ontdekte’ plaatsen in Italië willen bezoeken.

We gingen eten bij het restaurant waar zij vroeger werkte en alle kneepjes van het vak geleerd heeft. De weg van Verona naar Mantova was een weg waar auto’s minimaal 130 mochten, maar 160 of meer was ook geen enkel probleem.

En wat denk je? We gingen fietsend heen en rollend terug. Ook iets wat je in Italië snel leert.

Foto’s: Martine van Groenigen

Column: rollend Italië door
Beoordeel dit artikel

Geschreven door Martine van Groenigen

Martine van Groenigen

Martine van Groenigen is student journalistiek aan het Windesheim in Zwolle. Ze heeft in 2016 een halfjaar als au pair bij een Italiaans gezin gewoond en sindsdien maar één missie: teruggaan naar Italië. 'Ik was één keer eerder in Italië geweest maar daarvan kon ik me alleen de ijsjes herinneren, verder had het land niet veel bij mij losgemaakt.' Inmiddels wordt menigeen in haar omgeving bijna moe van de verhalen over het land, het eten en de mensen. Op DitIsItalie.nl schrijft ze enthousiast over haar eigen ervaringen en 'la dolce vita'.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading…

watervallen van lillaz

Nationaal Park Gran Paradiso

De grootste Italodisco-hits uit de jaren 80

De grootste Italodisco-hits uit de jaren 80