Toen we ons eerste huis 4 jaar geleden in Zuid-Italië kochten zat daar een behoorlijk stuk grond bij. Er was een kleine boomgaard met fruitbomen, wat cactussen en er stonden wat yucca’s (een soort palmbomen) en er was heel veel klimop. Bloeiende planten en struiken stonden er niet, maar er was ook 3 jaar niet naar de tuin omgekeken omdat het huis leeg had gestaan.
Er groeide een soort van gras op de bodem, maar de variëteit aan grassoorten was groot. Een echte Italiaanse tuin dus: wild, een beetje overwoekerd hier en daar en enorme cactussen. Nu hadden we in Nederland een tuin die mooi was aangelegd met diverse soorten planten en struiken. Tuinieren was een hobby van me dus ik dacht: dat ga ik hier in Italië ook doen.
Ik begon met eerst alles snoeien, afzagen en wegtrekken. Het resultaat was al mooi en de tuin had al een heel andere aanblik gekregen. Vervolgens lagen er grote bergen afval in de tuin en dan loop je al tegen een probleem aan. Want waar laat je al die groene zooi? De groenbakjes die ze hier kennen zijn klein, worden wel 3 keer per week opgehaald maar daar raak je niet al je cactusbladeren en overige zooi in kwijt.
Nu zijn ze hier in Italië gewend het tuinafval te verbranden, maar dat durfden we niet. Midden in een dorp, vaak harde wind, en helemaal geen ervaring hoe zo’n vuur onder controle moet houden. Dus maar even bij de buurman langs en vragen wat te doen. Gelukkig had hij een ape en was hij bereid om ons vuil naar het ecostation te brengen. Nog hier en daar wat op de belendende leegstaande percelen gegooid, want daar kwam ook veel van de begroeiing vandaan. Probleem opgelost.
Stap één was gezet, er was weer een beetje structuur aangebracht. Nu het gras maaien. Dat gaat hier ook niet met een elektrische grasmaaier want het terrein is er hobbelig en er liggen veel steentjes. Dus een speciale grasmaaier aangeschaft waarmee we het terrein te lijf gingen.
Door de zwaaibewegingen die je moet maken met dat apparaat hadden we als snel de eerste blaren en spierpijn in de armen en handen. We waren dit natuurlijk helemaal niet gewend!
Uiteindelijk was de tuin eindelijk zover om de boel aan te kleden met planten en struiken, dus op naar het tuincentrum. Bij ons in het hakje van de Italiaanse laars kun je nauwelijks van tuincentra spreken. Ze bestaan vaak uit één halletje en je moet maar afwachten wat ze aan planten en struiken op dat moment hebben.

Bovendien heeft elk centrum weer een ander assortiment en moet je verschillende centra af om een beetje gevarieerde planten en struiken te kunnen kopen. Maar het lukte toch om een aantal struiken te bemachtigen en bloeiende planten voor in de potten en de hangbakken. Nog wel nagevraagd of de planten en struiken bestand waren tegen de volle zon, want op ons stukje land konden ze dat de hele dag verwachten.
Nee, dat was geen probleem, deze struiken en planten waren speciaal voor dit klimaat en bestand tegen een hele dag zon. In maart zijn we begonnen met de planten te planten en de potten te vullen met prachtige fuchsia’s, varens en dergelijke. Helemaal mooi en het zag er naar uit dat de planten goed aansloegen.
Ik moest ze wel veel water geven en daar had ik bijna een halve dagtaak aan, maar er was ons verteld dat als ze eenmaal gingen wortelen je het jaar daarop er geen omkijken meer naar had. Toen kwam de zomer en werd het heet. Wat bleek, de meeste planten waren toch niet opgewassen tegen die hete zon en verbrandden waar je bij stond. Niets tegen te doen en je zag ze wegschrompelen. Pijnlijk, want we hadden er best veel geld in geïnvesteerd omdat planten en struiken in Italië best wel duur zijn.
Daarnaast vond ik het zielig om aan te zien. De potten konden we redden door deze in de schaduw te zetten, maar van enige decoratieve waarde was geen sprake meer. Dus toen het hoog zomer was en we van de tuin wilden gaan genieten stonden er slechts een paar struiken die het gered hadden, fruitbomen en een paar cactussen.
Daarnaast was het grasdek vervangen door een stoffige zandgrond, want sproeien was onbegonnen werk en toch zonde van al het water. Ik denk trouwens niet dat we met sproeien het gras hadden kunnen behouden. Kortom, we hadden weer een paar lesjes geleerd met onze emigratie naar Zuid-Italië.

Probeer niet je stukje tuin zo te maken als in Nederland. Daar is het klimaat niet naar en je zult toch over moeten gaan tot struiken en planten die goed tegen de zon en hitte kunnen. Plant bomen in je tuin om schaduwrijke plekken te creëren waaronder je leuke potten met planten kunt zetten. Van de buurman, die agrariër is, hoorde ik dat je bomen en struiken het beste in het najaar kan planten. Dan krijgen ze de hele winter en het voorjaar kans om wortel te schieten.
Geloof ook niet de mensen in het tuincentrum als deze je zeggen dat de planten de hele dag in de zon kunnen staan. Vraag door en dan komt vaak de aap uit de mouw en blijkt dat ze toch wel een beetje schaduw nodig hebben.
En de belangrijkste les die ik geleerd heb: laat de natuur haar gang gaan en probeer niet een gecultiveerde bloementuin te creëren in een land waar dat niet gewoon is. Koop de planten en struiken die je hier in de natuur ziet zoals rozemarijn, klaprozen, lavendel, bougainville en dergelijke. Of neem af een toe een struikje mee uit de natuur, al weet ik trouwens niet of dat eigenlijk wel mag.
Wij laten onze tuin nu zoals hij hoort te zijn hier in Italië. Wij houden ons stukje land bij zodat het niet overwoekerd, snoeien de fruitbomen en maaien het grasin het najaar, de winter en het voorjaar bijna elke week.
Heb je nieuwe struiken geplant? Geef ze dan in het begin wel water zodat ze kunnen wortelen. Gelukkig zagen wij het jaar erop wel veel planten en struiken weer terugkomen en opbloeien, dus de vegetatie die hier echt hoort redt het toch. En ik moet eerlijk zeggen dat deze begroeiing ook veel beter bij Italië past.


Met de groentetuin waren we gestopt. Dat kostte zo veel water, als je geen pomp hebt, en leverde uiteindelijk zo weinig op, dat we goedkoper uit waren op de markt. Daarnaast kregen we regelmatig groenten van de overburen, dus daar hoeven we het ook niet voor te doen. Op de plek van de groentetuin staan nu ook een paar mooie fruitbomen. Wij zijn nu blij met de tuin zoals hij is. Wat wil groeien groeit en het is mooi om te zien wat een variëteit je dan te zien krijgt.
Inmiddels zijn we vorig jaar verhuisd en hebben nu een vrijstaand huis op het platteland met veel grond. En dat vergt weer een heel andere aanpak. Er moet een tractor aan te pas komen om het gras te maaien en de grond om te ploegen. We hebben een kleine olijfgaard en daar hebben we helemaal geen kaas van gegeten hoe deze behandeld moeten worden. Struiken kun je planten, maar één struikje is niet genoeg want dat verdwijnt in het niets.


Je moet het land gebruiken voor waar het voor bedoeld is. Dus dat betekent veel fruitbomen, notenbomen en andere soorten loofbomen. Niet alleen mooi voor het zicht maar ze geven ook veel schaduwplekken. Onze groentetuin is weer in ere hersteld, want we hebben nu de ruimte en er staan waterpompen op het land.
Gelukkig hebben we een buurman die opgegroeid is op het land en overal verstand van heeft. Dus hij leert ons nu hoe we de bomen moeten snoeien en het land moeten bewerken. In het najaar, als de olijven geoogst zijn, dan krijgen we een cursus olijfbomen onderhouden, want dat schijnt ook een vak apart te zijn. En wat niet geheel onbelangrijk is: hij heeft een grote tractor, is vriendelijk, leert ons veel over de streek en het dorp en is op de hoogte van de laatste roddels.
En we gaan nu voor de aankoop van planten en bomen naar het lokale tuincentrum. Hier komt iedereen uit de omgeving die op het land werkt. Het is er ’s morgens vroeg altijd al heel druk. Het assortiment is beperkt en bestaat vooral uit fruitbomen, groenteplanten, hegsoorten en een paar sierplanten. Het tuincentrum is niet groot, maar ze hebben echt alles wat je nodig hebt voor het bewerken van je land zoals draad voor de grasmaaier, hekwerk, machines enzovoorts. Ze zijn niet duur, de mensen zijn altijd erg vriendelijk en behulpzaam en je kunt er met al je vragen terecht.

Zo hebben we van hen geleerd dat je bomen het beste kunt planten in het najaar. Want doe je het in de maanden mei, vlak voor de zomer, dan heb je kans dat ze nog niet goed gaan wortelen door het watertekort.
Nog even en we worden echte boeren, zoals de mensen om ons heen ons al gekscherend noemen. En ik had van tevoren niet verwacht dat ik het leuk zou gaan vinden om met de voeten in de klei te staan en met een kettingzaag de bomen te lijf te gaan. Het enige wat ik nog graag zou willen zijn kippen en geiten. Maar ik ben bang dat niet samen gaat met onze honden.



Comments