Begin juli, hartje zomer. Temperaturen rond de 36 graden, maar als je hier langer in Italië woont raak je daar aan gewend. Gelukkig is het bij ons op het land goed uit te houden in de schaduw.
Het is voor ons het eerste jaar op het platteland. De fruitbomen hangen vol met fruit en het is te veel om zelf op te eten. Het is nu tijd van de abrikozen, vijgen en pruimen. Met vijgen kun heel veel lekkere dingen maken zoals jam.
Helaas ontbreekt het ons door de verbouwing even aan een keuken. Dus er ontstaat onderling tussen buren en kennissen een levendige ruilhandel. Maar dan heb je het niet altijd voor het uitkiezen. Zo hebben wij de afgelopen weken een overload aan courgettes gehad. Op zich lekker, maar op een gegeven moment weet je niet meer hoe je ze nu weer klaar moet maken. Wij Nederlanders missen daar nog de fantasie voor.
Want als ik zie wat de Italianen allemaal voor een smakelijke gerechten kunnen maken met steeds weer dezelfde groenten… bewonderenswaardig. Wij kunnen voorlopig geen courgette meer zien.
De groententuin was geen succes. Omdat we door de verbouwing even zonder water zaten konden we de plantjes niet bewateren. En we vonden het een beetje asociaal om bij de buren de kranen open te draaien.
In de dorpen is het ’s middags niet te harden. Ze zijn dan ook vaak rond een uur of 2 ’s middags ook helemaal uitgestorven en je voelt de zinderende hitte tussen de gebouwen hangen. Winkels zijn van 1 tot 4 gesloten gesloten en om 5 uur komt alles vervolgens weer tot leven. Alleen de grote winkelcentra met airconditioning zijn open en vaak ontvlucht men dan ook de hitte door naar het winkelcentrum te gaan.

Ik kan me nog goed herinneren dat toen ik hier nog op vakantie kwam, ik het altijd heel vervelend vond om in de ruststand te gaan ’s middags. Vooral omdat ik er dan maar 3 weken was, wilde ik eigenlijk de hele dag doorgaan en dingen doen. Want voor je het wist stond de neus van de auto weer richting huis en moest je er weer een jaartje op teren.
Maar ik heb wel gemerkt in de afgelopen jaren dat het niet te doen is om met die hoge temperaturen te gaan wandelen of in een dorp dingen te bekijken. Je legt het af, dus ’s morgens plan je jouw activiteiten en ’s middags ga je naar het strand of houd je een siësta. Wat ik dan eigenlijk weer zonde van de tijd vind…
De invasie van de toeristen is ook weer begonnen. Altijd weer leuk om te zien dat kustdorpjes die de hele winter uitgestorven zijn ontwaken uit hun winterslaap. Er lopen weer mensen op straat, de winkels en de restaurantjes zijn open en het dorp bruist weer van het leven. Je herkent de dorpjes niet meer terug. Maak nooit de fout om in de zomer een huis te kopen in je favoriete vakantiedorp, want het kan zo maar zijn dat je in de winter een van de weinige bewoners bent.
Juni/juli is ook de tijd van de dorpsfeesten . Elk dorp heeft in deze maanden wel wat te vieren. Is het niet de oogst van de olijven dan is het wel het feest van de lampionnen. De feesten beginnen meestal rond een uurtje of 8 ’s avonds. Afhankelijk van welk feest het is, kan er dan meestal ook een hapje gegeten worden.
Er staan dan allerlei kraampjes waar je de specialiteiten van het land of het dorp kunt eten. Je koopt vouchers bij de kassa en met de vouchers ga je vervolgens je eten scoren bij de diverse kraampjes. Er staan grote houten tafels waar je vervolgens aan kan gaan zitten om je eten te verorberen.
Handige tip: komt niet te laat want voor je het weet zijn alle tafels bezet en kan je gaan staan wachten op een plekje. Het komt soms voor dat op het moment dat je je bord bijna leeg hebt, men al bij je tafel gaan staan. De kunst is dan om je niet op te laten jagen, want mensen kunnen dan soms erg dwingend zijn.

Om 10 uur ’s avonds begint de muziek. Ook hier geldt weer dat je 10 uur niet te nauw moet nemen, want het kan ook zo maar zijn dat het een half uurtje later is. De traditionele muziek in Salento is de pizzica-muziek. De pizzica zelf is een verleidingsdans en leuk om naar te kijken. Vooral als het professionele dansers zijn. Erg opzwepend en voor je het door hebt staan diverse stellen mee te dansen op het plein.
Ik moest in het begin heel erg wennen aan dit genre muziek, maar ben het nu erg gaan waarderen. Het is vaak zelfs zo dat als er geen pizzica wordt gespeeld, dat ik niet ga. Met coverbands heb ik niet veel en ik vind de sfeer rond het hele gebeuren wel wat hebben. Vooral van de tamboerijnen kun je zo’n kriebel in je maag krijgen!
De feesten worden druk bezocht en soms zijn ze ook een sociale ontmoetingsplaats waar je weer andere kennissen tegenkomt. De vrouwen en mannen zijn mooi uitgedost, baby’s en kleine kinderen gaan mee, hele families zijn op pad.
Maar deze feesten zijn vaak ook de enige plekken om vertier te zoeken. Alles wat we kennen uit het Nederlandse uitgaansleven heb je hier bij ons in de omgeving niet. In een café drink je je koffie of ’s middags een aperitief, maar dat is het dan ook wel. Voor tieners is hier dan ook niet zo heel veel te beleven ’s avonds. Misschien kennen wij hier daarom ook niet van die taferelen die je ’s avonds in de bekende badplaatsen in Spanje ziet.
Deze zomerfeesten gaan wel vaak tot laat door en het is heel normaal dat de kinderen ook tot het eind blijven. En of er de volgende dag weer om 6 uur gewerkt moet worden, dat deert de Italiaan niet. Je weet wanneer het feest is afgelopen als het vuurwerk afgestoken gaat worden. Ze zijn het hier gewoon om elke feestelijke happening of processie af te sluiten met vuurwerk. Geen regels, geen verboden, vuurwerk kan altijd en overal. Tot verdriet van onze honden, al beginnen ze er wel steeds meer aan te wennen.
De zomer in de Salento is niet te vergelijken met de winter. In de winter zijn veel dorpen uitgestorven. Geen drukte in de winkels of op straat. Noem het saai, maar wij houden wel van dit contrast. Het enige wat we wel nalaten in de maanden juli en augustus is naar het strand gaan.

Dat is de afgelopen jaren niet meer te doen. Vechten om parkeerplaatsen, files naar het strand en dan maar hopen dat je je handdoek ergens neer kunt leggen. Want de vrije standen verdwijnen steeds meer en dat is erg jammer voor de inwoners want die kunnen een duur ligbedje meestal niet betalen.
Maar dit duurt gelukkig meestal maar tot 15 augustus, want dan is het Ferragosto. Dan lopen de vakanties van de Noord-Italianen af en vertrekken ze weer na huis. Ferragosto is dé feestdag van het jaar en niemand werkt op die dag. Het verhaal gaat zelfs dat je op die dag niet ziek, zwak of misselijk moet worden want de kans dat je in het ziekenhuis wordt geholpen is dan erg klein.
Wat dat betreft zijn voor ons de mooiste maanden hier mei, juni, september en oktober. Het is dan meestal prachtig weer, maar wel lekker rustig. De Italianen die wij inmiddels hebben leren kennen zeggen ook altijd dat Salento in september weer van de inwoners wordt. De maanden juli en augustus slaan ze even over en blijven ze thuis.



Comments