in , , ,

Op de fiets door Apulië: ’turismo slow’

Onverwachte tegenliggers tijdens de fietstocht in Salento (foto's: Aart Heering)

Pedalare in Puglia, fietsen in Apulië, is in de afgelopen jaren een begrip geworden onder liefhebbers van de actieve vakantie. Vooral de streek Salento, de hak van de Italiaanse laars, biedt steeds meer mogelijkheden voor wat in het Italiaans cicloturismo heet.

De omstandigheden zijn er dan ook ideaal voor. Het is er bijna altijd mooi weer (met uitzondering van dit voorjaar). Het landschap is vlak en wordt doorkruist door talrijke kleine weggetjes. De regio biedt adembenemende panorama’s aan zee en een groen gevarieerd binnenland met antieke stadjes en dorpen waar niemand haast heeft, en je kunt er overal lekker eten en drinken.

Tenslotte is Salento ook nog eens gemakkelijk te bereiken. Nederlandse fietstoeristen vliegen vaak op Bari of Brindisi en kunnen daar desgewenst meteen al een fiets of e-bike huren.

Fietsen in Salento kun je het grootste deel van het jaar, maar vermijd de maanden juli en augustus, wanneer de stranden overbevolkt raken en het binnenlands veel te warm wordt. Traditioneel waren dit de vakantiemaanden bij uitstek in Apulië, maar inmiddels hebben plaatselijke bestuurders en ondernemers het belang ingezien van de verlenging van het toeristenseizoen.

Mooie kiekjes schieten onderweg

Ciclonica: een ring van 306 kilometer aan fietspaden

Dat kan vooral door het aantrekken van buitenlanders voor wie het weer in voor- en najaar nog lekker is, zonder de drukte van het massatoerisme. Daarom worden in Apulië in rap tempo fietspaden (ciclovie) aangelegd en routes uitgezet.

De meest recente daarvan is de Ciclonica: een ring van 306 kilometer verdeeld over 6 etappes langs zee, door dorpen en in de natuur in de Salento Ionico, het westen van Salento. Binnen die ring zijn nog eens 5 ‘modules’ aangegeven, van dagtours van elk zo’n 60 kilometer met dezelfde plaats als begin- en eindpunt.

De Ciclonica staat aangegeven met deze borden

Ongeveer 80% van de wegen is verhard, van gloednieuwe fietspaden tot bestaande secundaire en provinciale wegen, en de resterende 20% bestaat uit onverharde fiets- en wandelpaden.

De Ciclonica is uitgedacht door fietsjournalist Roberto Guido en uitgevoerd met medewerking van 10 gemeenten en milieuorganisatie Legambiente. Het benodigde geld kwam uit het PNRR, de Italiaanse versie van het EU Next Generation Fund.

Guido heeft er een handzame gids voor geschreven, die in het Engels is vertaald onder de titel Ciclonica. The Salento Ionico Cycle Route. Sea and nature in the heart of Southern Italy (Edicicloeditore).

De gids van de Ciclonica, de Engelstalige versie is verrijkt met hoofdstukjes over de Salentijnse keuken

Dag 1: van Lecce naar Galatina

Met collega’s van de buitenlandse pers in Italië kreeg ik eind maart een voorproefje van de Ciclonica, in de vorm van een 3-daagse trip van in totaal (slechts) zo’n 90 km.

Kat in Lecce

De reis begon in Lecce, de hoofdstad van Salento, die bekend staat als de città bianca door de lichtgele kleur van de pietra leccese, de plaatselijke steen waaruit het hele centrum is opgetrokken.

Een avondwandeling langs de prachtig bewaarde Romeinse arena, de Dom en andere monumenten van de zwierige barocco leccese brengt je meteen in zuidelijke atmosferen. Eigenlijk heb je meer dan een dag nodig om Lecce op je in te laten werken, maar dat bewaren we voor een volgende keer.

Het centrum van Lecce ’s avonds

Bij touroperator Salento Bici Tour – die van maart tot en met juni en van september tot en met december werkzaam is – krijgen we fietsen met waterdichte fietstassen en rijden we de stad uit. De Ciclonica staat op veel plaatsen goed aangegeven, maar soms is het even zoeken en zijn de gids of de App Ciclonica nuttig.

In Lecce wordt gefietst

Buiten Lecce voert een fietspad door de Valle della Cupa langs groene weiden en olijfgaarden waar veel eeuwenoude bomen geveld blijken door dexylella, een bacterie die gruwelijk huis heeft gehouden onder de Apulische olijven.

Op pad buiten Lecce

Na een kort bezoek aan het pas opgegraven amfitheater van de antieke stad Rudiae stuiten we op onverwachte tegenliggers in de vorm van een schaapskudde die voor enig oponthoud zorgt, maar vreedzaam om de fietsen heen sukkelt.

Bij Agriturismo Le Chiese in San Pietro in Lama is het tijd voor een olijfolieproeverij en een praatje met eigenares Antonuccia. Zij vertelt dat van haar 2000 (!) bomen 70% is aangetast door de xylella, maar dat er nog hoop is: jonge bomen worden vaak niet aangetast, uit de wortels van verdroogde bomen schieten nieuwe scheuten op en dode bomen worden vervangen door nieuw aangeplante resistente soorten.

Fietsend in het binnenland

Niettemin ziet zij het opkomende cycloturismo als een welkome nieuwe bron van inkomsten. Zij zorgt voor proeverijen en rechtstreekse verkoop van olie en heeft 3 suites ingericht voor overnachtende toeristen, die desgewenst ook mee kennen eten.

In een andere agriturismo met een weelderige tuin en dito zwembad, Tenuta Donnanna, ontmoeten we een groep van 8 fietsers uit Vancouver, Canada, die hier een dagje pauzeren. Op de vraag naar wat hen hier heeft gebracht, antwoordt een van hen bondig: ‘Countryside, weather, food, history: magnificent!‘ 

De vrouw des huizes, Signora Anna, doet voor hoe je orecchiette (oortjes) maakt, de typische pasta van Apulië. Het lijkt gemakkelijker dan het is, maar na veel kneden en knoeien wordt het toch wat en heb je er een vaardigheid bij die je de rest van je leven meedraagt!

Boerenschuur bij Galatina

Dan is het nog een kilometer of 10 door groene graanvelden van Galatone naar Galatina, waar we tijdens een wandeling door het antieke centrum de plaatselijke specialiteit uitproberen: de pasticciotto, een gebakje van kruimeldeeg en vanillepudding.

Pasticciotti vullen de verbrande calorieën weer aan
Intocht in Galatina

Vlak voor het donker wordt is er nog tijd voor een bezoek aan de uitbundig beschilderde 14e eeuwse basiliek van de H. Catherina van Alexandrië. In het dorp Gemini tenslotte, heeft de uitbater van het hotel waar we overnachten een bijzondere verrassing voorbereid: we dineren in het aan Don Bosco gewijde Oratorium tegenover het altaar, waar we vorstelijk, om niet te zeggen goddelijk, worden onthaald.

In de basiliek van Galatina

Dag 2: van Ugento naar Porto Selvaggio

De volgende ochtend leidt een pedalata van 12 kilometer onverharde wegen in een landschap van rietvelden, kanalen en vennen door het Nationaal Park van Ugento, waar de burgemeester uitlegt hoe belangrijk het is dat de wetlands hier verder ontsloten worden voor alternatief toerisme: ‘We zitten op nog geen kilometer van stranden die in de zomer overvol zijn, terwijl in het reservaat fietsers en natuurliefhebbers het hele jaar door hun hart kunnen ophalen.’

In het Nationale Park van Ugento

De volgende etappe voert langs zee vanaf Capilungo noordwaarts. Door een harde tegenwind is het fiks aantrappen (behalve voor de deelnemers die voor een e-bike hebben gekozen), maar dat mag de pret niet drukken.

Fietsen langs de Ionische Zee

In de voorjaarszon over de ruwe rotsbodem met uitzicht over de Ionische wateren is dit een van de mooiste routes in de regio. We komen langs de Torre Suda, een bolwerk tegen een mogelijke invasie van de Saracenen, en een bunkertje uit de Tweede Oorlog, toen men hier een geallieerde invasie vreesde.

Bunkertje aan zee

Een stuk binnenlands gaat via een provinciale weg met weinig verkeer door zacht glooiende hellingen met zeeën van gele margrieten en bremstruiken, paarse distels en blauw bloeiende boragie.

Na een paar verlaten ogende badplaatsjes bereiken we Punta Pizzo, vanwaar je in de verte de stad Gallipoli kunt zien liggen. Ook dit is een natuurreservaat, waar alleen plaats is voor fietsers en voetgangers, maar het heeft maar een hartje gescheeld of dat was niet doorgegaan.

Toezichthouder Maurizio Manna tijdens een picknick op het strand: ‘We hebben een harde strijd moeten voeren tegen speculanten die hier wilden gaan bouwen, maar die hebben we kunnen winnen met een beroep op de Europese regelgeving voor natuurparken. Intussen is het toerisme wel veranderd. Men heeft meer respect voor de natuur.’ Zodoende is Punta Pizzo nu een geliefde plaats voor zeeschildpadden die hier hun eieren deponeren.

Strand bij Santa Maria del Bagno

Van Santa Maria del Bagno naar Porto Selvaggio gaat de weg weer langs zee, met een uitstapje inwaarts naar Località Le Cenate, met de enige echte stijging – 50 meter – van onze tocht.

Località Le Cenate

Na een geasfalteerde weg langs een serie aristocratische woonsteden van de 16e tot begin 20e eeuw (met fraaie art déco bouw) voert een steeds ruiger en rotsiger wordend pad naar een prachtig uitzichtpunt over de Ionische Zee in het derde natuurpark van de dag, bekend door grote aantallen prehistorische grotwoningen en bijzondere soorten orchideeën.

Ook dit is ternauwernood gered van lieden die er een jachthaven wilden bouwen, vertelt directeur Mino Natalizio. Het Belvedere draagt de naam van wethouder Renata Fonte, die zich daartegen verzette en daarom in 1984 werd doodgeschoten door een huurmoordenaar in opdracht van een partijgenoot.

Dag 3: van Nardò naar Manduria

Lelijk beeld van Lucio Battisti

Na een overnachting in Nardò, een gezellig stadje waar ook weer de heldere tinten van de pietra leccese overheersen, vertrekken we vanaf Torre Squillace waar we worden opgewacht door een foeilelijk beeld van Lucio Battisti. Dat staat er, omdat de vermaarde zanger zich hier zou hebben laten inspireren voor zijn hit uit 1970 Acqua azzurra, acqua chiara (Blauwe zee, heldere zee).

‘Acqua azzurra, acqua chiara’

De weg gaat af en toe over houten plankieren boven kwelderachtige stukjes moeras en door rul zand dat door recente stormvloeden over de weg is gespoeld. Het schiereiland Strea, dat een natuurreservaat is, vormt hier een natuurlijke baai voor de badplaats Porto Cesareo, een lange reeks van blinkend witte hotels en zomerhuizen die ’s winters 4.000 zielen telt en in augustus 200.000!

De laatste etappe gaat van het (nu althans) prachtige strand van Punta Prosciutto door een duinlandschap langs de uit 1547 stammende Torre Colimena, een van de mooiste verdedigingswerken langs de Apulische kust.

Punta Prosciutto
Zicht op Porto Cesareo
Torre Colimena

We komen uit op de Salina dei Monaci, een voormalige zoutpan die nu een reservaat is voor flamingo’s, kluten en reigers, en waar duinflora en zeekraal groeit.

Naar de Salina

Dat was lang niet het geval, zegt directeur Patrizio Fontana: ‘De zoutwinning is in de jaren 70 gestaakt en 20 jaar geleden was dit een parkeerplaats. Toen we het terrein onder lieten lopen om het terug te geven aan de natuur, leidde dat tot felle protesten van de bewoners. Ook was er sprak van vandalisme, maar we vonden een vereniging van gepensioneerde militairen bereid om vrijwillig op te passen. Nu is de situatie anders. Het heeft lang geduurd, maar er is steeds meer begrip voor het park en zijn doelstellingen.’

Wegbewijzering

Het is een verhaal dat we al meermalen te horen hebben gekregen. In Salento is de toeristische sector niet langer alleen maar uit op grote aantallen, en omgekeerd heeft het succes van het turismo slow weer invloed op de mentaliteit van de bevolking.

Zoals Carlo, onze begeleider in Lecce, het uitdrukte: ’15 jaar geleden was je hier nog een sfigato als je de fiets gebruikte. Nu nemen ze een voorbeeld aan fietsende buitenlanders die duidelijk geen losers zijn.’ De 3-daagse reis eindigt in opperbeste stemming met een wijnproeverij in de kelders van de Produttori di Manduria in de gelijknamige stad waar we de trots van de plaatselijke wijnmakerij, de Primitivo di Manduria, in vele verschijningen mogen genieten.

De Ciclonica met in groen het afgelegde traject

Eten en drinken onderweg

Naast het weer, de zee, de cultuur en de fiets is Salento vermaard om zijn keuken, die vooral uitblinkt door haar grote variëteit van verse groenten. Om een idee te geven volgt hier een – niet complete – opsomming van de gerechten die de vrouw van de beheerder van het Oratorium van Gemini had toebereid:

omelet van wilde asperges, orecchiette con cime di rapa (met raapsteeltjes: het Apulische gerecht bij uitstek), aardappelkroketjes, gefrituurde pizza, gehaktballetjes in tomatensaus, rauwe venkel met olijfolie en zout, straffe lokale rosé van de negroamaro druif, pasticciotti met een plaatselijjke spumante, en likeur van carrube (Johannesbrood).

Bij de picknick op het strand van Punta Pizzo kregen we onder meer paarse en oranje pastinaken, rauwe jonge fave (tuinbonen), melanzane (aubergines) en lampascioni (lijken op kleine uitjes, de Nederlandse vertaling is ‘wilde hyacintbolletjes’, maar dat weet bijna niemand) in olie, verse en gezouten ricotta kaas en echt naar aardbei smakende aardbeien.

Bij andere gelegenheden schafte de pot fave e cicoria (gepureerde tuinbonen met cichorei, een andere klassieker), caponata (zoetzuurzout in olie gesmoorde groenten) en verschillende soorten kaas en worst.

Wat de wijn aangaat, springen de primitivo en negroamaro (zowel rood als rosé) eruit, naast de lokale witte verdeca en fiano. En olijfolie vind je in alle soorten, van prikkelend tot zacht, of gearomatiseerd met rozemarijn, Spaanse peper of kurkuma.

Written by Aart Heering

Historicus die al meer dan 30 jaar in Italië woont, waarvan 20 als journalist en 12 als medewerker pers en politiek van de Nederlandse ambassade in Rome. Is sinds mei 2022 weer werkzaam als journalist. Actief lid van de Gruppo del Gusto, de gourmetgroep van de buitenlandse persvereniging in Rome.

Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Asperges met pancetta

Recept: asperges met pancetta

Veroli: de Abdij van Casamari

Hernica Saxa: reis door 4 prachtige stadjes vlak bij Rome (deel 3)