in , , ,

Op zoek naar een nieuw huis in Italië – deel 6

We kunnen een voorbeeld nemen aan Joia (foto: Stef Smulders)

Waar stonden we en wat was de eerstvolgende stap? Door alle verwarring over de taxatie waren we de draad kwijtgeraakt. Even recapituleren: de taxateur had nu toch echt alle documenten die hij gevraagd had, zelfs de volgens ons overbodige DIA van de werkzaamheden van 14 jaar geleden. Daarom zou hij zijn rapport nu eindelijk naar de bank kunnen sturen en die zou ons dan toch eindelijk eindelijk kunnen laten weten of en hoeveel euro’s we zouden kunnen lenen om ons nieuwe huis mee te kunnen bouwen.

Kunnen, kunnen, kunnen. Maar gebeurde er ook echt wat? Roberto had de bankdirecteur gevraagd het hem meteen te laten weten als hij het taxatierapport ontvangen had, maar toen we een week nadat we de laatste documenten naar de taxateur stuurden nog niets van de directeur gehoord hadden, sloeg de twijfel weer toe. Na alle voorgaande verwikkelingen vertrouwden we (bijna) niemand meer.

Liet de taxateur het afweten? Of was het de bankdirecteur? Waar was ons taxatierapport? Hoe kwamen we erachter wat er gaande was? Of er überhaupt iets gaande was? De bankdirecteur weer bellen? Maar die was moeilijk bereikbaar en leek de vorige keer al een beetje ontstemd over onze dadendrang, dus liever niet. Stel je voor dat hij zich bedacht en we naar de hypotheek konden fluiten!

De taxateur bellen? Ja, maar hoe? Hij had ons bij zijn bezoek geen visitekaartje gegeven en zijn naam was ook niet in ons geheugen blijven hangen, in tegenstelling tot de nonchalante manier waarop hij onze mooie villa inspecteerde.  De zolder? Nee, die hoefde hij niet te zien. Bang dat zijn modieuze kleding onder het stof en het spinrag zou komen te zitten, concludeerde Roberto later. ‘De tuin, o die loopt tot daar? Nou, de perceelgrenzen bekijk ik straks wel op Google Earth.’ Bang om zijn schoenen te bevuilen, bromde Roberto naderhand. Nee, het huis leek van ondergeschikt belang bij de waardebepaling. Het ging vooral om… documenten!

Gelukkig herinnerde ik mij opeens dat het kantoor van de taxateur mij begin januari (januari? Was het echt al een maand geleden dat ons huis getaxeerd is?) zowaar spontaan had opgebeld om de komst van de waarde-expert aan te kondigen. Dat nummer moest in mijn telefoon terug te vinden zijn en ja hoor, na wat speurwerk had ik het. Even diep ademhalen… en bellen maar.

Er werd niet opgenomen. Een uur later ook niet. En de uren daarna nog steeds niet. Net zomin als de volgende dag en de dag daarop. Wat was er aan de hand? Een kantoor waar niemand ooit de telefoon opnam, hoe bestond het! Of waren ze allemaal met vakantie?

Na lange aarzeling besloot ik om ‘na de pieptoon’ toch maar een berichtje achter te laten, hoewel ik daar een hekel aan heb: op de een of andere manier klinkt wat ik dan uitspreek altijd belachelijk in mijn oren. Maar gelukkig, niemand hoefde zich aan mijn gestuntel te ergeren, want er was kennelijk ook niemand op het taxatiekantoor die de voicemail afluisterde want er kwam geen reactie. Wat moesten die mensen heerlijk rustig en ongestoord kunnen werken! Of slapen?

Intussen piekerden wij nagelbijtend verder. Er ging alweer kostbare tijd verloren en we stonden opnieuw machteloos. Of…? Nee, toch niet. Nico bedacht zich opeens dat hij een antwoord van de taxateur had gekregen op de documenten die hij in het verre, verre verleden (begin januari!) aan hem gestuurd had. Eens kijken en ja, hoera, in de mail stonden maar liefst drie telefoonnummers! Het nummer dat ik al had, uiteraard, maar ook een ander nummer van het secretariaat en… het mobiele nummer van Zijne Heiligheid de Taxateur zelve. Joechei, nu moest het lukken om erachter te komen wat er gaande was.

Eerst stuurde ik maar een mail, in de veronderstelling dat ze die toch moeilijk konden negeren. Daarna probeerde ik het nummer van het secretariaat: geen gehoor. De taxateur zelf dan? Die zou toch zeker wel opnemen, hoe zou hij anders kunnen werken? Helaas, dood als een pier. Nee, niet de taxateur maar zijn telefoon. Uitgeschakeld. Vloekend en tierend bleef ik het proberen, afwisselend het secretariaat en de taxateur, maar nee, niks, niente. Tot opeens… tringggg! Hé, dat was dat andere telefoonnummer dat ik al een week tevergeefs probeerde te bereiken.

Het secretariaat aan de lijn. Ze hadden mijn mail gelezen. Ik was te verbijsterd en te opgelucht om te vragen waarom ze deze telefoon nooit opnamen en waarom ze mijn voicemail niet beluisterd hadden maar nu wel meteen reageerden op de mail. Nee, ik wilde maar een ding weten:

HOE STAAT HET MET DAT F*CKING TAXATIERAPPORT?!

’Ja, mijnheer, we kunnen u meedelen dat we alle documenten hebben ontvangen en dat we morgen, zaterdag, alles zullen integreren zodat het maandag, uiterlijk dinsdag naar ons hoofdkantoor gestuurd kan worden.’

’Hè?’ was alles wat ik kon uitbrengen en nadat de dame het mij op geruststellende toon nog eens uitgelegd had, bedankte ik vriendelijk en hing zuchtend op. Ze gingen de documenten integrare, samenvoegen, en offerden daar zelfs hun anders zo rustige zaterdag aan op. Ik had echt met ze te doen… En daarna, met gezwinde spoed, nou ja, niet meteen op zaterdag (of zondag, grapjas!) natuurlijk maar direct al op de eerstvolgende maandag – oké, misschien dinsdag – zou het geïntegreerde geheel met een enorme dreun op het daartoe bestemde bureau belanden.

Van het hoofdkantoor van… de bank? Nee, gekkie, dat van de taxateurs. Hoelang het daar dan nog zou blijven liggen? Tja, daar hadden ze in de lagere regionen natuurlijk geen zicht op. De piani alti, hogere verdiepingen, wikken en beschikken geheel naar het hun goeddunkt, meneertje.

De bankdirecteur had ons vertrouwen, dit keer, niet beschaamd. Hij had ons niet gebeld, want er viel niets te bellen. Ons geïntegreerde dossier lag begin volgende week (vermoedelijk) op een voor ons totaal onbereikbaar bureau, ter beoordeling van een ons totaal onbekende directiemedewerker. We waren de grip nu echt helemaal kwijt en konden ons weer gaan toeleggen op wat we het liefst niet doen: afwachten op wat hopelijk ooit komen gaat.

Ter ontspanning en om dan toch maar te lachen om iets waar totaal niet om te lachen valt, stuurde ik Roberto de volgende dagen steeds whatsappjes in de trant van:

‘Heb je dat lawaai ook gehoord?’
‘Welk lawaai?’
‘Het lawaai dat ze maken bij het integrare van onze documenten.’ Daarachter een emoji van een ruspa, bulldozer.
Ahahah

Een hypotheek krijgen in Italië, daar kun je maar beter grappen over maken

‘Hoor je die piepende remmen ook?’
‘?’
‘Van het bijzondere megatransport waarmee ons geïntegreerde dossier naar het bankkantoor vervoerd wordt.’
Chissà quanto stanno sudando, poveri. Wie weet hoe erg ze aan het zweten zijn, die armelui.’

Na alle verwikkelingen rond hypotheek, taxatie, boetebetaling en sanatoria ben ik inmiddels zelf toe aan een sanatorium. Maar niet in Italië. Ik ga wel naar Zwitserland, het land waar volgens de Italianen alles perfect, alla svizzera, geregeld is. Zekerheid voor alles.

🇮🇹Leestip: Meer leuke verhalen over het leven in Italië lezen? Die vind je in de drie delen ‘Italiaanse Toestanden’ van Stef Smulders, o.a. verkrijgbaar bij bol.com.

Stef Smulders

Geschreven door Stef Smulders

Stef Smulders is een Nederlander die in 2008 met echtgenoot Nico en hond Saar naar Italië emigreerde om daar een B&B te beginnen.
Hij verkocht zijn huis, liet familie en vrienden achter en deed een sprong in het onbekende. In 2014, bijna vijf jaar later, deed hij in het boek ‘Italiaanse Toestanden’ verslag van zijn belevenissen. Over de aankoop van een huis met een wispelturige makelaar, de verbouwing ervan met een eigenwijze aannemer, maar ook leuke en leerzame ontmoetingen met bijzondere Italianen. ‘Italiaanse Toestanden’ is inmiddels het hoogstgewaardeerde Italiëboek op bol.com en is in het Engels en het Spaans vertaald. In 2016 schreef hij het vervolg: Meer Italiaanse Toestanden en in 2017 verscheen deel 3, 'Nóg Meer Italiaanse Toestanden'. In 2019 zal zijn eerste bundel met zeer korte komische verhalen verschijnen, onder de titel ‘Bezoekuur en 100 Andere Zeer Korte Verhalen’.

Geef een reactie

Avatar

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading…

9 Italiaanse tuinen die je echt eens moet zien

Column: confinamento in het Romeinse park Aniene