in , , ,

Column: Sport Management

Het zwembad van de gemeente Broni ging over in private handen (foto's: Stef Smulders)

Si sapeva! Ik wist het!’ bast de stem van Mattia. Het galmt nog even na in de grote hal van het zwembad in Pavia. In eerste instantie had ik hem niet herkend toen hij me begroette met een even volumineus ‘Ciao, Stef!‘. Mondkapjes maken mensen bijna anoniem. Maar toen hij naderbij kwam zag ik het al snel: het was mijn vroegere pilates-instructeur.

Vroegere, want ruim een jaar geleden deed de gemeente Broni haar moderne, openbare en overdekte zwembad over aan een private onderneming, Sport Management geheten (ook in Italië maakt het vlotte Engels school). De exploitatiekosten waren de gemeente te hoog, maar de nieuwe eigenaar (tevens eigenaar van tientallen sportaccommodaties door heel Italië) zag er wel brood in. Mij best, dacht ik, zolang ik maar mijn baantjes kan blijven trekken.

Helaas had de overname een ongewenste bijwerking: de gymnastiekzaal boven het zwembad werd omgetoverd tot een met allerlei martelapparatuur volgestouwde fitnessruimte. En daarmee kwam er een einde aan mijn jarenlange rek- en strekactiviteiten waarmee ik toch mooi van die zeurende lagerugpijn was afgekomen. Geen pilates meer. Het personeel werd ontslagen en Mattia vertrok naar Pavia, wat voor mij een brug (ook letterlijk: de 1.100 meter lange Ponte della Becca) te ver was.

Stef aan de pilates in het oude zaaltje

Het zwemmen ging gelukkig door, al kwam Sport Management met allerlei nieuwigheden op de proppen. Dat waren vooral ge- en verboden die via tal van geplastificeerde A4’tjes aan het zwemmende publiek werden meegedeeld. Wat een regelzucht, dacht ik. Het lijken wel Zwitsers!

Een van de gekste verordeningen was dat je niet naakt door de kleedkamer mocht lopen. Terwijl dat toch een van de functies van die ruimte is: je onbespied door niet-zwemmers of zwemmers van het andere geslacht te kunnen omkleden en douchen. Of moesten we dat voortaan doen zoals Mr. Bean op het strand?

Mr. Bean op het strand

Nu is het wel zo dat veel Italianen nogal preuts zijn en enkele zwemgasten al voor het nieuwe regime inging gewoon waren zich met zwembroek in de hand naar het toilet te begeven om zich om te kleden. Maar anderzijds was er jaren geleden ook een voetbalteam waarvan de jonge leden er geen probleem mee hadden om piemelnaakt door de kleedruimte te paraderen. Maar die tijden zijn dus definitief voorbij. Of toch niet?

Ik trok me er niks van aan (eerder uit) en was ook niet van plan om zo’n badjas aan te gaan schaffen die de Italianen, meteen uit de douche, het lijf nog kletsnat, aantrekken en waarmee ze zich dan proberen droog te wrijven. Een belachelijke en onhandige manier van doen. Ook van dat geworstel om alle plekken van je lichaam te bereiken met ‘een handdoek die je aan hebt’, zou Rowan Atkinson nog een leuke Mr. Bean-scène kunnen maken. Wat is er in hemelsnaam mis met een doodgewone handdoek? Ja, dat je in je blootje staat.

Een snelle of een langzame zwemmer?

Een andere nieuwigheid waren de felgekleurde sandwichbordjes die bij elk startblok van het zwembad verschenen. Deze duidden aan welke banen voor langzame respectievelijk snelle zwemmers waren bedoeld. Ik gebruik altijd een langzame techniek, de schoolslag, maar dan wel in een flink tempo. Ben ik nu langzaam of snel? Misschien moet ik de borstcrawl gaan doen. Maar die kan ik alleen heel langzaam. Ben ik dan snel of langzaam? Ik besloot me om mij hier ook niets van aan te trekken. Gelukkig zwem ik altijd op rustige uren en zit ik niemand in de weg.

Italianen vertrouwen over het algemeen nieuwigheden niet erg en de eerste weken na de overname door Sport Management was het doodstil in het bad. Gingen ze dit wel overleven? In de laatste weken voor de overname, toen Mattia er nog was, verkondigde hij met grote stelligheid dat het zwembad altijd verlies zou draaien. Het gebouw was volgens hem verkeerd gebouwd en energetisch zo lek als een mandje. De gestione door een private onderneming was gedoemd te mislukken.

Stukje bij beetje keerden de trouwe banentrekkers echter terug. Er werd wat geklaagd in de kleedkamer maar eigenlijk was alles weer bijna als vanouds. Behalve bij de kassa want daar was de spraakzame en gezellige Katia na jaren trouwe dienst vervangen door ‘een levend lijk’, dat je niet aankeek en dat niet groette. ‘Mi rovina la giornata,‘ beweerde een van de trouwe zwemmers. ‘Ze verpest mijn hele dag.’ Maar ook dat wende, en toen na vele maanden wachten de al in september beloofde tessera er eindelijk was, had je met de ondode achter de kassa helemaal niets meer te maken.

En toen kwam ‘de’ corona. Het zwembad moest dicht. En bleef dicht. En terwijl Sport Management op haar website in juni vrolijk de ene na de andere heropening aankondigde, bleef het rond ‘mijn’ zwembad angstwekkend stil. Dan zelf maar even googelen. Op een lokale nieuwssite vond ik eindelijk uitsluitsel: Sport Management had haar licentie, die 6 jaar geldig was, aan de gemeente teruggegeven.

Mattia kreeg gelijk. ‘Si sapeva!‘ En de gemeente ging braaf op zoek naar een nieuwe kandidaat-beheerder. Of dat in deze onzekere tijd gaat lukken? Ik heb er, met Mattia, weinig fiducia in. In de tussentijd blijft het bad dicht.

Ik nam mijn toevlucht tot het zwembad in Pavia, toch over de brug dus. 40 minuten heen en 40 terug, met telkens 3 bijna-doodervaringen door het rijgedrag van andere weggebruikers. Gelukkig ging na een paar weken het leuke openluchtbad in Santa Maria della Versa open, op slechts 10 minuten rijden van huis.

Wel heb ik nog een jaarabonnement van Sport Management ter waarde van € 400 dat ik maar voor de helft heb kunnen gebruiken. Over de restitutie van het niet-genoten genot geen woord van Sport Management of de gemeente. Alleen op weer een andere obscure provinciale nieuwssite vond ik het bericht dat ‘men’ aan ‘vouchers’ denkt.

Daarmee mag je dan naar een ander zwembad van Sport Management, waarvan ze de exploitatie nog wel zien zitten. Fijn. Ik hang mijn badjas vast klaar en ga oefenen in langzaam zwemmen. Of snel.

🇮🇹Leestip: Meer leuke verhalen over het leven in Italië lezen? Die vind je in de drie delen ‘Italiaanse Toestanden’ van Stef Smulders, o.a. verkrijgbaar bij bol.com.

Stef Smulders

Geschreven door Stef Smulders

Stef Smulders is een Nederlander die in 2008 met echtgenoot Nico en hond Saar naar Italië emigreerde om daar een B&B te beginnen.
Hij verkocht zijn huis, liet familie en vrienden achter en deed een sprong in het onbekende. In 2014, bijna vijf jaar later, deed hij in het boek ‘Italiaanse Toestanden’ verslag van zijn belevenissen. Over de aankoop van een huis met een wispelturige makelaar, de verbouwing ervan met een eigenwijze aannemer, maar ook leuke en leerzame ontmoetingen met bijzondere Italianen. ‘Italiaanse Toestanden’ is inmiddels het hoogstgewaardeerde Italiëboek op bol.com en is in het Engels en het Spaans vertaald. In 2016 schreef hij het vervolg: Meer Italiaanse Toestanden en in 2017 verscheen deel 3, 'Nóg Meer Italiaanse Toestanden'. In 2019 zal zijn eerste bundel met zeer korte komische verhalen verschijnen, onder de titel ‘Bezoekuur en 100 Andere Zeer Korte Verhalen’.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Loading…

Luxe kamperen in Italië: 9 tips

Camping La Sorgente Valle d'Aosta

10 x de beste campings in het Aostadal