De oudere Nederlanders onder ons herinneren zich vast Pierre Janssen nog wel: de lange magere kunstkenner die zijn publiek op tv geregeld vertelde over wat er allemaal op het gebied van beeld-, schilder- en andere kunst te genieten viel.
Op een gegeven moment echter kwam hij met een tip die ik totaal niet van hem verwachtte. ‘Het eerste wat je moet doen als je een museum bezoekt,’ zo verklaarde Pierre, ‘is…’ (naar het topstuk rennen, vulde ik automatisch aan) ‘…naar de kantine gaan. En je moet vooral ook niet proberen om alles in een museum tijdens een bezoek te bekijken.’
Wat? dacht ik ontzet, dat is toch heiligschennis? Hoe kan zo’n gepassioneerde kunstkenner dat zeggen? Maar Pierre gaf uitleg: door eerst een kopje koffie te drinken heb je tijd om jezelf af te vragen wat je wil gaan zien en wat je ervan verwacht. Resultaat: een bewuster bezoek en meer genot. Je bekijkt minder maar met een grotere intensiteit.
Deze filosofie past ook perfect bij een bezoek aan een Italiaanse stad. Vertaald naar dit ‘werkveld’ zegt Pierre Janssens advies: ren als je een Italiaanse stad bezoekt niet meteen kriskras van hoogtepunt naar hoogtepunt maar ga eerst eens op een terrasje zitten en neem de tijd. Eenmaal tot rust gekomen van de reis hiernaartoe vraag je je vervolgens af: wat wil ik graag zien, waarom en wat verwacht ik ervan?
In deze bijdrage presenteer ik wat tips voor een stressvrije manier om een stedentrip te maken. Weg met de zere voeten, een zeurende rug en opkomende hoofdpijn: het kan anders.
Inhoudsopgave
1. Waar
Zoek voor een verblijf eens buiten het drukke, lawaaiige centrum van de stad. Dan kom je na elk uitstapje echt tot rust. Let wel op of je onderkomen op loopafstand ligt of dat er op zijn minst een goede ov-verbinding is met het centrum.
Een park in de buurt ook ideaal: niets ontspant zoveel als groene ruimte en bovendien kun je dan je sportieve ontspanning (jogging, yoga enz.) tijdens je vakantie voortzetten.
2. Wat
Ga niet voor een hotelkamer zonder zitgelegenheid die maakt dat je iedere dag en avond naar buiten moet (tenzij je de hele tijd op bed wil liggen). Kies een appartement of suite met op zijn minst een bank en tafel(tje) en mogelijk een kitchenette.
Zorg ook dat er in ieder geval een balkon met zitje is. Nog beter: een woning met terras en (privé) tuin. Op die manier ben je echt op jezelf en kun je ontspannen na een bezoek aan de drukke, vermoeiende binnenstad.
3. Voorbereiding
Vergeet het uren thuis studeren op die ene ‘allerbeste’ trattoria en het compleet dichtplannen van je vakantiedagen met alles wat je absoluut ‘moet’ zien.
Ten eerste ben je dan al moe voordat je überhaupt vertrekt en bovendien leidt het ertoe dat je ter plaatse gaat stressen om je programma ook echt helemaal af te ronden. Het ‘moet’ immers (van wie ook alweer)?
4. Op de bonnefooi
Vergeet dus de strakke planning van must-sees en ga eens op goed geluk op pad. Vertrouw je intuïtie en spontaniteit om de echt leukste plekken te vinden. Soms zal het tegenvallen, oké, maar vaak genoeg levert het ervaringen op die je je nog jaren zult herinneren.
Zo maakten wij jaren geleden zomaar een wandeling vanuit centrum Florence door willekeurige straatjes naar de rand van een buitenwijk en troffen precies tegen lunchtijd een leuke eetgelegenheid aan de rand van een park. De heerlijke witte wijn proef ik nog!
5. Leg contact
Al spreek je ook maar een klein beetje Italiaans, kijk mensen in een bar, winkel, markt, vriendelijk aan en probeer een gesprekje aan te knopen (desnoods met handen en voeten). Dan ontdek je hoe vriendelijk en belangstellend de meeste Italianen eigenlijk zijn.
Heb je een baby (liefst blond) of hond bij je dan hoef je hier niet eens moeite voor te doen: de Italianen komen vanzelf op je af. Een paar babbeltjes, een beetje lachen en je kunt goedgemutst verder met je dag.
6. Verlaat het gebaande pad
Sjok eens niet achter de horde aan die zich van de ene naar de andere topattractie sleept, maar sla een zijstraat in, neem een omweg. Je ontdekt meteen de rust die er net buiten de hoofdroutes heerst en haalt onwillekeurig meteen dieper adem.
Zelfs in Venetië is dat ons gelukt en stonden we plotseling op het doodstille pleintje bij het theater La Fenice, niet ver van het San Marcoplein waar je over de hoofden kon (en moest) lopen.
Ook in Alberobello ontdekten we dat het net naast de toeristische route langs de trulli heerlijk rustig is. Dezelfde witte huisjes, maar zonder de drukte! Doen!
7. Ga toch eens zitten
Ga af en toe eens zitten, ja Pierre zei het ons voor, op een terrasje, niet op dat megadrukke plein natuurlijk, maarweer net even iets verder, op een bankje in een park, bij een fontein en neem de tijd.
Ga niet druk staan zwaaien naar de cameriere omdat je z.s.m. je kopje koffie wil, maar wacht rustig af en laat wat er gebeurt gebeuren en over je heen komen. Kijk om je heen, zie wat er gebeurt. Hoe gedragen de Italianen zich, met wie praten ze, hoe lopen ze.
Mensen aandachtig bekijken, iets leukers is er toch niet? De Italianen zijn er meesters in, het bekijken en bekeken worden, tijdens de beroemde passeggiata ’s avonds. Maar dit kun je elke dag, van vroeg tot laat al oefenen. Gewoon de tijd nemen. Hé, daar is de ober al. Un macchiato, per favore! Heerlijk.
Breng deze tips in praktijk en je zult merken hoe weinig stressvol je stedentrip kan zijn. Buon relax!



Comments